Dialoog

Zoals velen van jullie weten ben ik al enkele jaren actief in de dialoogscene. In het betrekkelijk kleine Amsterdam ( vergeleken met andere wereldsteden) wonen 180 verschillende nationaliteiten. Deze 180 nationaliteiten zijn weer verdeeld in talloze levensbeschouwelijke stromingen. Sommige klein, andere groot en invloedrijk. Veel van deze 180 nationaliteiten leven op hun eigen eilandje. Ze gaan naar hun eigen bakker, hun eigen slager en sturen hun kinderen naar een school waar veel leerlingen van hun eigen nationaliteit of levensbeschouwing naar toe gaan. Hoewel om hun heen mensen wonen van andere culturen, hebben ze deze nog nooit echt in hun ogen gekeken. Ze hebben nog nooit een echt gesprek met elkaar gevoerd.

Het spreekwoord zegt het al: “Wat een boer niet kent dat vreet hij niet.” Dit geldt niet alleen voor de boer, maar voor bijna iedereen. Als je iets niet kent dan vind je het eng, gek of misschien wel gevaarlijk. Ik vind het daarom belangrijk om mensen met elkaar in contact te laten komen. Zeker die mensen die normaliter met elkaar in gesprek raken.

Een van de manieren om dit te doen is via het Breed Interreligieus Overleg ( Bio) in Amsterdam Oost. Via die weg heb ik al een keer een interreligieuze kerkdienst mogen begeleiden in de Muiderkerk waarbij vertegenwoordigers van verschillende levensbeschouwingen een korte lezing of optreden mochten houden. Zo was er een prachtig zangoptreden van kinderen van de Al Kabir moskee. Natuurlijk werd er afgesloten met eten.

muiderkerk

10 Mei was er weer zo’n bijeenkomst in de Hofkerk. Rondom het thema “De vier vrijheden” waren er eerst drie lezingen van een Rabbijn, een Imam en een Priester die ik mocht inleiden. Vervolgens gingen de deelnemers zelf met elkaar in gesprek onder leiding van Dialoog in Actie  van Joke Jongejan. Het is hierbij de bedoeling dat je elkaar vertelt over jouw beleving van bepaalde onderwerpen. Er is geen goed of fout. het gaat om jouw lezing. Dit helpt om je in te leven in elkaars standpunten. Natuurlijk werd er ook hier weer afgesloten met een heerlijke maaltijd.

hofkerk

Ik voel me heel erg gelukkig dat ik deel mag uitmaken van dit soort prachtige bijeenkomsten. Hopelijk kunnen we door elkaar recht in de ogen te kijken en te horen hoe een ander iets beleeft elkaar beter begrijpen en niet alleen maar meteen oordelen. Volg vooral het Bio bij hun activiteiten op Facebook mochten jullie ook een keer willen meedoen.

 

Dialoogseider

Sinds enige maanden ben ik lid van de Dialoogcommissie van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam. Elke paar maanden organiseren we activiteiten zoals debatten of filmavonden. Deze keer was het tijd voor de tweejaarlijkse dialoogseider.

Bij deze seider werden mensen van allerlei levensbeschouwelijke stromingen uitgenodigd ( 120 in totaal!) en bespraken we met zijn allen het Pesach verhaal. Dit werd begeleid door verschillende sprekers zoals Achmed Baadoud, Chantal Suissa en mijzelf.

Het was een erg inspirerende avond met bijzondere gesprekken, lekker eten en mooie speeches. Hieronder mijn mini-speech.

dialoogseider

“Gastvrijheid is een veelbesproken thema in deze tijd. Iedereen heeft er wel een mening over. Binnen alle religieuze tradities is gastvrijheid een belangrijke waarde, zo ook in de Joodse. Zo wordt gezegd: ‘Moge je huis een ontmoetingsplaat zijn voor wijzen, word vuil in het vuil van hun voeten en drink dorstig hun woorden op. Zet je deuren wijd open en laat de armen deel zijn van je huis.’ En ‘Wie weet of de gast die u uitnodigt niet ook de profeet Elia zal blijken te zijn?’

Gastvrijheid is echter niet altijd makkelijk. Vanuit de gastheer gezien heerst de angst: ‘wat als mijn gast mijn grenzen overschrijdt? Als er teveel “gasten” zijn kan ik dan mijn eigen identiteit wel behouden?’

Maar ook vanuit de kant van de gast gezien is het niet altijd fijn. Het woord gast zegt het al. Als je ergens te gast bent ben je op een bepaalde manier ondergeschikt. Je moet je aanpassen aan de gewoontes van je gastheer of gastvrouw. Dit kan gaan over betrekkelijk kleine dingen zoals wanneer of wat je eet of, of  dat je wel of niet schoenen uit doet, maar kan veel verder gaan. Soms kan het voelen alsof je je eigen identiteit moet opgeven. Iets wat zeer beangstigend kan zijn, zeker bij mensen die je niet zo goed kent.

Daarnaast geeft het idee van ergens gast zijn een bepaalde afstand aan. Een gast is altijd een soort van buitenstaander, geen insider.

Dit thema wordt vooral belangrijk als het gaat over de nieuwe Nederlanders. Natuurlijk is het belangrijk om ze gastvrij te behandelen. Ze te verwelkomen in ons land, in onze huizen, aan onze tafels. Maar belangrijker is om te zorgen dat het niet meer gasten zijn. Ze thuis te laten zijn in Nederland. Dan pas kunnen ze een gelijkwaardige positie krijgen.”

Oorlog en Vrede

Ook dit jaar organiseerde het Dominicanenklooster in Huissen weer een trialoogweekend van Joodse, christelijke en islamitische vrouwen. Deze keer was het thema oorlog en vrede. Toen wij voor het eerst met het organiserende team samen kwamen was ik sceptisch. Zo een beladen thema in zo een beladen tijd?

Op vrijdagavond kwam de groep voor het eerst samen. Nog wat onwennig gingen we na het vieren van sjabbat het rijtje af waarbij we allemaal vertelden waarom we hier waren gekomen. Hoewel de verhalen allemaal anders waren was het kenmerk toch wel: samen het gesprek aan gaan, juíst in deze moeilijke tijden. de meeste van de deelnemers spraken uit angst te hebben voor een verdere polarisatie. De gesprekken kwamen al snel los en een gezellige avond van verbinding volgde.

lezing dominicanenklooster.jpg

De volgende ochtend gingen we serieus van start. De christelijke lezing van Ge Speelman was als eerste, waarbij vooral de nadruk werd gelegd op wat is nou precies oorlog en strijd? Wat zijn machtsverhoudingen. Daarna was ik aan de beurt. Ik vertelde over het ontstaan van de Joodse wet en wat die zei over oorlog. Vooral het idee dat er nu in principe geen aanvallende oorlog gehouden mag houden, vanwege het gebrek aan Sanhedrin, sprak erg aan. Alleen een verdedigende oorlog is toegestaan. Dit riep natuurlijk wel vragen op over wanneer een oorlog dan verdedigend is. Ik gaf aan dat het belangrijkste bij het Jodendom is dat je met elkaar in gesprek blijft gaan. Er is bijna geen goed of fout. zolang je maar je mening beargumenteert. De islamitische lezing van Stella van Weteringen was ook erg interessant. Zeker de vraag hoe de terroristen verantwoordingen voor hun daden kunnen vinden in de teksten van de Koran. Stella legde goed uit hoe bepaalde teksten op verschillende manieren geïnterpreteerd kunnen worden. Net zo goed als in de Tora of Bijbel natuurlijk.

De middag was gereserveerd voor het lernen. Na een uitleg van de vorm gingen de deelnemers zelf aan de slag. Ik had ze Jesjajahoe 2:4 laten lezen waarbij opgeroepen wordt tot vrede voor alle volkeren. Vooral het element dat dit elke zaterdag in de sjabbatsdienst wordt gelezen sprak aan. Een aantal van de deelnemers geloofden dat joden juist altijd oproepen tot geweld, het feit dat juist de oproep tot vrede zo een centraal punt inneemt in de liturgie vonden ze mooi.

dominicanenklooster

De dag werd afgesloten met de film Arranged over een Joodse en islamitische vrouw in Amerika die beide worden uitgehuwelijkt. Hierbij vinden ze het contact met elkaar en natuurlijk ook uiteindelijk met hun grote liefde. Ach liefde en eten verbinden altijd…

Joden en Syriërs vrienden? Zeker!

Afgelopen dinsdag bezocht een aantal mensen van de Liberaal Joodse Gemeente Amsterdam het asielzoekerscentrum aan de Havenstraat in Amsterdam. Na alle commotie rondom het plaatsen van een opvang in Amstelveen leek het hen belangrijk een positief signaal af te geven aan de vluchtelingen. Ook of misschien wel juist de Joodse bevolking van Amsterdam wil hen van harte welkom heten. Een verslag van Anne-Maria van Hilst.

Door: Anne-Maria van Hilst

Toen ik vanuit mijn synagoge de mail kreeg met de vraag om langs te gaan bij de vluchtelingen aan de Havenstraat moest ik toch even nadenken. Hoewel ik het niet eens ben met alle bangmakerij rondom de vluchtelingen, vroeg ik mij toch af hoe verstandig het was om met een groep Joden op bezoek te gaan bij getraumatiseerde Syriërs. Voor veel Syriërs is Israël toch staatsvijand nummer één. Niet iedereen kan altijd het verschil zien tussen Joden en Israëliërs. Na de zoveelste schokkende beelden, nu vanuit Steenbergen, was ik om. Een positief signaal afgeven aan deze mensen was het allerbelangrijkste. Ze hebben verschrikkelijke dingen meegemaakt en moeten weten dat ze in Amsterdam veilig en welkom zijn. Ook of misschien wel vóóral de Joodse bevolking van Amsterdam heet hen welkom!

We kwamen binnen met allerlei muziekinstrumenten, lekkere hapjes en lachende gezichten. Er was hun verteld dat de Joodse gemeenschap van Amsterdam een feestje kwam bouwen, dus de verwachtingen waren hoog. De eerste minuten stonden we elkaar een beetje ongemakkelijk aan te staren, maar toen onze voorzanger Gilad de gitaar pakte en een lied begon te zingen was het ijs snel gebroken. Het lied, in zowel Arabisch als Hebreeuws, lokte al snel een gezellig gezang uit van de groep. Toen er een groep in oranje shirts geklede Irakezen binnenkwam met een grote Nederlandse vlag, begon het feestje pas echt.

Terwijl ik aan het meezingen was, kwam een jonge Syrische man op me af. Hij keek me lachend aan en stak zijn hand uit en zei in het Nederlands: “Ik heet Wissam, wie jij? Je hebt hele mooie ogen.” ik stelde mezelf voor en we begonnen een gesprek, half in het Nederlands, half in het Engels. De 22-jarige jongen vertelde dat hij pas twintig dagen in Amsterdam was. Ik was verbaasd dat hij al zo goed Nederlands kon spreken. Daarna vertelde hij dat hij elke dag lessen kreeg. Hij was bezig geweest met een opleiding in Syrië toen hij daar weg moest gaan. Hij miste het studeren. Hij vertelde dat hij en zijn vriend Nachus al door heel Amsterdam waren gelopen en dat iedereen vriendelijk tegen hun deed.

Geleidelijk kwamen er steeds meer mannen om me heen staan. Iedereen stelde zich vriendelijk voor en vroeg of ze met me op de foto mochten. Ze wilden laten zien hoe Nederlandse vrouwen eruit zagen aan hun vrienden en familie in Syrië. Mohammed, een wat oudere man die advocaat was in Syrie, vroeg me zelfs om een filmpje te maken waarbij ik wat woorden in het Nederlands zei. Dit stuurde hij vervolgens naar zijn vrouw en kinderen. Hij liet daarna trots foto’s zien van zijn twee zoons die achtergebleven waren daar. Hij wilde niets liever dan ze meteen hier naartoe halen.

Ik vroeg aan Wissam of ze wisten dat wij Joods waren en of dat geen probleem was. Hij vertelde dat sommigen bewust in hun kamers gebleven waren om ons niet te hoeven zien, maar dat de overgrote meerderheid erg blij met ons was. “Jullie zijn toch gewoon mensen. Het is zo leuk dat jullie een feestje met ons komen vieren.” Nou en een feestje werd het. Er werd gezongen, gedanst en gekletst. Iedereen door elkaar heen, hand in hand. Volgens mij voelden ze zich welkom, zoals het hoort. Joden en Syriërs vrienden? Zeker!

Dit artikel verscheen eerder op: http://www.nieuwwij.nl/opinie/syriers-en-joden-vrienden-zeker/

Lezing Bijspijkerdagen Dominicanenklooster Huissen

Afgelopen augustus werd ik gevraagd om te spreken op de Bijspijkerdagen van het dominicanenklooster in Huissen. Al gedurende enkele jaren organiseert dit klooster voor het begin van het nieuwe seizoen een weekend vol met lezingen. Diverse wetenschappers op het gebied van religie waren gevraagd om hun visie te geven op een onderwerp dat zij erg belangrijk vonden. Onder andere Anne Dijk (Fahm), Arnold Yasin Mol ( Fahm)  en Patrick Chatilion Counet (Vu) waren sprekers. Ik vond het dan ook een hele eer dat ik ook mijn zegje mocht doen

.IMG_20150828_163007013_HDR

Na lang wikken en wegen besloot ik het onderwerp van mijn masterscriptie te bespreken: Bronnen van eerbaarheid/Tzinioet voor Ashkenazische vrouwen in Achttiende-eeuws Amsterdam. Dit is een onderwerp waar nog maar weinig onderzoek naar gedaan is maar wat mijns inziens wel erg interessant is. Zeker als je hierbij de vergelijking kan trekken naar de hedendaagse tendens. Omdat de doelgroep van deze lezing bestond uit theologen die weliswaar zeer goed bekend waren met de Bijbel maar niet met Joodse termen zoals Tzinioet, heb ik geprobeerd mijn lezing door middel van een powerpoint zoveel mogelijk te verduidelijken.

Het onderwerp is grofweg te verdelen in drie deel onderwerpen: Traditionele Halacha ( o,a, Talmoed, Misjnei Tora en Shulchan Aruch), Jiddische Halacha ( Lev Tov, Brantspigl en Seder Mitswot haNasjim) en Jiddische Musar ( Tsennerenne  en Maaseh Buch). Ik heb beschreven hoe in deze boeken de diverse vormen van Tzinioet, zoals omgang met de man en niet-joden, worden beschreven en of hier een algemene tendens in zichtbaar was. Daarna heb ik gekeken hoe er nu tegen tzinioet wordt aangekeken in Ashkenazisch Amsterdam. Hierbij moet natuurlijk altijd het onderscheid gemaakt worden tussen orthodox en liberaal. Belangrijkste is misschien wel dat de visie op eerbaarheid een combinatie is van de ideeën van je omgeving en je eigen gevoel. Er is niet één correct antwoord maar heel veel verschillende interpretaties. Wel worden nog steeds veel dezelfde boeken gebruikt zoals de Shulchan Aruch 

Aan het einde van mijn lezing heb ik de deelnemers een stukje laten lernen. Ik had hiervoor het lied/gebed Esjet Chayil uitgekozen wat traditioneel de man voor zijn vrouw zingt op Sjabbatavond. De deelnemers kregen wat vragen naar aanleiding waarvan ze de tekst beter konden bestuderen. Kernvraag hierbij was : Wat zegt het feit dat dit lied nog steeds gelezen wordt over de rol van eerbaarheid van de vrouw in hedendaags Jodendom? Na de bestudering van de tekst heb ik een klassikale discussie gevoerd. Hierbij zijn er natuurlijk geen foute of goede antwoorden, alleen interpretaties

.IMG_20150828_162859550_HDR

De reacties waren overwegend positief. Vooral het lernen vonden de deelnemers interessant, maar ook de verschillende ideeën over eerbaarheid sprak veel mensen aan. Hopelijk kan ik volgend jaar er weer bij zijn.

Mo en Moos

Mijn hele leven ben ik al geïnteresseerd in diversiteit. Tijdens mijn jeugd in Amsterdam Zuidoost kwam ik in contact met mensen van verschillende religies en afkomsten. Dat intrigreerde me altijd al. Iedereen had zijn eigen gewoontes, of het nou ging om eten, etiquette, de verhouding man/vrouw of religie. Het viel me echter op dat niet iedereen zo flexibel met elkaar om ging als bij mij in de buurt. Als ik naar mijn familie in Amersfoort ging merkte ik dat er daar in de buurt toch wat gekker gekeken werd naar mijn buitenlandse vriendinnetjes. Andersom merkte ik dat bij sommige vriendinnetjes thuis het veel minder normaal was om als meisje een discussie te voeren met de mannen in het gezin. Dit vond ik al vanaf jonge leeftijd ongemakkelijk.

Zodra ik oud genoeg was heb ik mij ingezet voor diversiteit. Dit kon zowel op microniveau zijn, zoals mensen van verschillende religies bij mij thuis uitnodigen, als macroniveau zoals meewerken aan projecten zoals “Gelijk is gelijk?!” van Diversion. Een jaar geleden zag ik op internet de oproep voorbij komen voor Mo en Moos, een project waarbij Joodse en islamitische Young professionals ( 25-35 jarigen) met elkaar in contact werden gebracht. Het doel van het project was om jonge toekomstige leiders van de diverse gemeenschappen bij elkaar te brengen en samen te werken aan een betere samenwerking in Amsterdam. Ik werd meteen erg enthousiast.

Na de sollicitatieprocedure konden we van start gaan. Het werd al snel duidelijk dat we een diverse groep hadden: religieus en seculier, vrijgezel en getrouwd, Nederlands tot Egyptisch. Ook onze beroepen waren uiteenlopend. Van acteur tot docent tot politicus. Wat mij meteen opviel was dat maar een van de moslima’s een hoofddoekje droeg. De andere moslima’s noemden zich gedeeltelijk seculier maar ook sommige religieuze moslima’s droegen geen hoofddoek. Het was interessant om te horen wat hun beweegredenen waren om het wel of niet te dragen. Zo gaf de moslima die wel een hoofddoekje droeg aan dat dit vooral was voor haar eigen bescherming. Dat het voelde alsof ze een grens tussen haar en mannen legde. Niet zozeer voor haar fysieke bescherming maar meer dat het haar weerhield om op een seksuele manier met mannen om te gaan.

De trainingen waren behoorlijk intensief. We werden onder andere getraind in het goed omgaan met de media en het goed omgaan met discussies. Het interessantste vond ik echter het leren van elkaars religies. Ik dacht dat ik door mijn achtergrond in religiestudies goed op de hoogte was van de islam maar mijn ogen zijn echt geopend. Zo moesten we een oefening doen waarbij we een stapel uitspraken kregen en deze moesten linken aan het jodendom of de islam. Zo kwamen we tot de conclusie dat zowel het Jodendom als de islam vindt dat religie iets tussen jou en God is en dat je dus niet een ander hiertoe kan dwingen. Heel mooi.

Wat mij wel opviel was dat de groep zich in de vrije tijd snel opsplitste in een mannen kant en een vrouwen kant. Dit werd vooral tijdens het studieweekend afgelopen mei erg duidelijk. Tijdens het vaste programma is iedereen gemixt maar in de pauze trokken de mannen en vrouwen al snel naar elkaar toe, veel meer dan ik in andere groepen heb meegemaakt. De mannen gingen apart naar het strand en de vrouwen gingen bowlen. Hoewel ik dit in het begin storend vond, merkte ik ook dat ik op een andere manier kan communiceren als ik alleen met de vrouwen ben. Het geeft een meer laagdrempelige manier van contact. Een van de vele dingen die ik nu al geleerd heb van mijn Mo en Moosjes. Ik kan niet wachten om nog meer te leren.

Dit artikel verscheen eerst op : http://www.hagar-sarah.nl/2015/07/hagar-sarah-mo-en-moos/

Diversiteit

Al sinds ik mij kan herinneren ben ik zeer geïnteresseerd in de diversiteit van de samenleving. Mijn basisschool in Amsterdam zuidoost was een smeltkroes van mensen van tientallen verschillende afkomsten en religies. De favoriete tijd van het jaar was voor mij altijd het kerstdiner omdat alle kinderen van de klas dan gerechten meenamen van hun land van herkomst. Al die geuren, kleuren en smaken…. Heerlijk!

diversiteit

Diversiteit loopt echter niet altijd op rolletjes. Sommige mensen voelen zich bedreigd door ‘de ander’, vooral als ze de ander niet kennen. Ze zijn bang dat ‘de ander’ hun eigen cultuur/religie/gewoontes verdringt en dat ze niet meer zichzelf kunnen zijn. Dit kan leiden tot angst, woede of zelfs haat voor mensen met een andere religie, afkomst of seksualiteit. Dit is echter vaak gebaseerd op gebrek aan kennis over deze ander.

Ik vind het daarom belangrijk om me zoveel mogelijk in te zetten op het in contact laten komen van verschillende bevolkingsgroepen. Dit kan door educatie of door dialoog. Zo ben ik actief bij dialoogbijeenkomsten, geef ik lessen over het jodendom op verschillende scholen en doe ik mee aan Mo en Moos. Bij Mo en Moos werken we met Joodse en islamitische Young professionals ( 25-35) aan wederzijds begrip door het overbrengen van kennis en dialoog. Hierover later meer.

Een ander project waar ik veel mee bezig ben is gelijk=gelijk van Diversion. Hierbij ga je verschillende basisscholen af met een Joodse (moi), islamitische en homoseksuele peer. Je vertelt hierbij over wat je eigen ervaringen zijn met discriminatie maar ook over welke vooroordelen je zelf gehad hebt. Vooral het feit dat je dit met zo een gemengd groepje doet spreekt de kinderen vaak erg aan. Ook is het voor onszelf erg leuk. Ik werk veel samen met twee peers: Bobby en Y. en ik heb super veel van hun geleerd over hun kijk op de wereld. We gaan af en toe wat leuks doen en dan kletsen we weer heerlijk bij. Zo leer ik ook zelf elke dag weer bij over diversiteit!