Bubbels

De afgelopen weken was ik ziek thuis met een longontsteking. Toen ik me weer een beetje in het land der levenden bevond, sloeg de verveling snel toe. Na een aantal binge watch sessies van onder andere de Israëlische hitserie Fauda, ging ik maar de social media op.

Door mijn werk in de interreligieuze dialoog heb ik veel niet-Joodse vrienden. Hierdoor zie ik dingen voorbijkomen op social media die normaal niet bij mijn Amsterdamse-linkse-jongeren-bubbel horen. Berichten van rechts Nederland over vluchtelingen maar ook pro-Palestijnse berichten. Hoewel ik deze berichten met een korreltje zout neem, probeer ik het wel te lezen om op de hoogte te zijn wat ‘de ander’ denkt. Soms leer je wat nieuws.

Andersom probeer ik ‘de ander’ ook bloot te stellen aan mijn bubbel. Zo had onze rabbijn, Menno ten Brink, een mooie droosje geschreven over de nieuwe wet op de Joodse natiestaat in Israël. Iets waar vooral mijn islamitische vrienden kritiek op hebben.

Veel van de kritiek is begrijpelijk. Ik sta ook helemaal achter de kritiek die wordt verwoord in de droosje van Menno. In andere bubbels is deze wet, net zoals veel nieuws uit Israël, echter omringd met samenzweringstheorieën die, mijns inziens, niet kloppen. Een van die theorieën is dat ‘de’ Israëli’s of zelfs ‘de’ Joden hiermee laten zien dat we alle niet-Joden Israël uit willen hebben. Het is altijd al even lachen als je merkt dat mensen denken dat je Joden het eens kan laten worden; ik wil ze dan altijd uitnodigen bij een vergadering in de Joodse wereld …

Door informatie van mijn bubbel te delen laat ik zien dat hoewel velen van ons, inclusief ikzelf, volledig achter het bestaansrecht van Israël staan, we wel kritisch zijn op sommige ontwikkelingen daar. Er is niet één Joodse of Israëlische mening. En veel van het nieuws van ‘de ander’ ligt veel genuanceerder dan wij van een afstand kunnen zien. Daarom is het zo belangrijk eens bij een ander in de bubbel te kijken of ze uit te nodigen in jouw bubbel.

Welke bubbel zou jij een keer een blik in willen werpen?

Dit stuk verscheen eerder op : https://www.crescas.nl/blog/webcolumnvanhilst/up4oz/Bubbels/

Vragen stellen

Religie is altijd al mijn passie geweest. Zozeer, dat ik mijn studerend leven begonnen ben met een studie Wereldreligie in Leiden. Deze keuze bleek toch niet helemaal bij mij te passen, vandaar dat ik na het behalen van mijn propedeuse ben teruggekeerd naar Amsterdam. Toch ben ik (het bloed kruipt waar het niet gaan mag), naast mijn studies in Hebreeuws en Geschiedenis, actief geworden in het interreligieuze veld. Hierbij leid ik gesprekken tussen verschillende groepen mensen. Joden en niet-Joden, vrouwen en mannen, allochtonen en autochtonen. Sommige dialogen hebben een wetenschappelijk karakter, andere zijn laagdrempeliger ingestoken. In mijn columns voor Crescas wil ik u graag een kijkje geven in de wereld van de interreligieuze dialoog.

Juist op thema’s die mijn bijzondere interesse hebben, zoals seksualiteit en eerbaarheid, valt er veel van elkaar te leren. De prikkelende en controversiële onderwerpen leiden vaak tot een dosis humor en laagdrempeligheid. Het toppunt was toen ik in een klooster in Huissen in een bloot jurkje op hakken een groep monniken aan het vertellen was over vrouwelijk genot. In het christendom, en zeker voor monniken, is seksualiteit vaak een heel zwaar onderwerp en nu vertelde een jonge vrouw hun opeens over seks …

Iets wat regelmatig aan de orde komt, is de pluriformiteit binnen het Jodendom. Veel niet-Joden (onbekend met het Jodendom) hebben een heel eenzijdig beeld van ‘de Jood’ of ‘het Jodendom’. Wanneer ik met hen lern, valt het op dat er al lernend wordt gezocht naar het ‘juiste’ antwoord. Wanneer ik vervolgens aangeef dat juist de discussie het doel is, niet het middel, en dat (bijna) alles open is voor interpretatie, krijg ik geschokte reacties.

Eén van de aspecten die mij het meest aanspreekt in het Jodendom, is de nadruk op het stellen van vragen. Dat is ook datgene wat ik vooral propageer, zowel in de intra- als interreligieuze dialoog: stel vragen! Niks is hierbij taboe. Hoewel sommige vragen, zeker buiten onze eigen veilige enclave, soms confronterend kunnen zijn, heeft het ook voordelen. Je hebt een actieve houding nodig, je moet blijven reflecteren op je eigen mening en bereid zijn deze bij te stellen. Vaardigheden die op andere vlakken ook nuttig kunnen zijn.

Het spreekt voor zichzelf dat kennis van bepaalde teksten een voorwaarde is om mee te kunnen discussiëren. Dicht bij de traditie blijven, zonder daarbij mijn eigen stem en interpretatie te verliezen, daar haal ik veel energie uit.

Ik stuit soms op lastige situaties; uit onwetendheid worden mij weleens vragen gesteld die kwetsend kunnen zijn. Vragen over de Sjoa of over Israël bijvoorbeeld. Natuurlijk zitten er mensen bij die vragen stellen met het doel mij te triggeren. Maar de meesten zijn oprecht geïnteresseerd en benieuwd. Voor mij geldt: heb liever dat me de vraag wordt gesteld dan dat er aannames worden gedaan.

Door vragen te stellen, juist in de interreligieuze dialoog, kan ik vooroordelen voorkomen. Ik hoor verhalen over de ander, maar kloppen deze ook? Als ik na ga hoeveel verkeerde aannames over Joden gedaan worden, kan ik mij niet voorstellen dat onze aannames over andere religies of levensbeschouwingen ook altijd kloppen. Regelmatig word ik met mijn neus op de feiten gedrukt. Ik ben ervan overtuigd: alleen door het gesprek aan te gaan en de moeilijke vragen te beantwoorden en ze ook te stellen komen we nader tot elkaar.

 

Dit stuk verscheen eerder op: 

https://www.crescas.nl/blog/webcolumnvanhilst/ll4oz/Stel-vragen/

Verzet door dialoog

4 mei mocht ik een lezing geven in Schagen ter herdenking van de oorlogsslachtoffers.

Hieronder mijn tekst:

Lezing 4 mei Schagen

Verzet begint niet met grote woorden
maar met kleine daden

zoals storm met zacht geritsel in de tuin
of de kat die de kolder in zijn kop krijgt

zoals brede rivieren
met een kleine bron
verscholen in het woud

zoals een vuurzee
met dezelfde lucifer
die een sigaret aansteekt

zoals liefde met een blik
een aanraking iets dat je opvalt in een stem

jezelf een vraag stellen
daarmee begint verzet

en dan die vraag aan een ander stellen

In dit beroemde gedicht van Remco Campert komt een wat mij betreft essentieel element van verzet aan de orde: het stellen van vragen, interesse tonen in de ander.

Toen mij gevraagd werd deze lezing te houden rondom het thema verzet kwamen verschillende vragen in mij op: Wat is verzet? Waarom pleegt iemand verzet? Of juist: waarom pleegt niet iedereen verzet? Gaat verzet alleen over grote daden of kan verzet juist iets heel kleins zijn?

Bij “ het verzet” wordt vaak gerefereerd aan het verzet tijdens de tweede wereldoorlog. Men denkt dan aan de bomaanslagen op registratiekantoren of mensen die hun levens riskeerden voor het rondbrengen van voedselbonnen voor onderduikers. Ik zie die mensen als helden, zonder dit verzet waren er nog veel meer doden gevallen dan er nu helaas al gevallen zijn. Doden die we vandaag, op 4 mei, hier herdenken.

Ik ben geboren in een tijd waarin er in Nederland gelukkig vrede is. Ik heb nooit hoeven schuilen voor rakketten, niemand in mijn omgeving is vermoord en heb zelfs nog nooit het luchtalarm horen afgaan, behalve op de eerste maandag van de maand.

Je zou denken: zonder oorlog geen verzet. Maar ook in onze maatschappij zijn problemen. Radicale partijen winnen stemmen, er zijn terroristische aanslagen en antisemitisme groeit. Als er op zondagochtend bij ons in de synagoge in Amsterdam les is, moeten de leerlingen langs 4 man marechaussee en 3 deuren van kogelvrij glas. Alles om ze veilig te houden. Ze mogen zelfs niet op een uitstapje hun keppel dragen, dat is te gevaarlijk.

De maatschappij is steeds meer aan het verharden en zich aan het verdelen in groepen. Veel van die groepen komen elkaar niet tegen, hebben hun eigen ( social) media  en praten niet tegen elkaar waardoor de vooroordelen over elkaar alleen maar groeien. Het is makkelijk om in deze vooroordelen mee te gaan. Om in je eigen veilige groep te blijven. Met mensen die je kent, mensen die dezelfde taal spreken en dezelfde gewoontes hebben. Maar wat is dan.de toekomst? De vooroordelen en zelfs haat zullen alleen maar groeien. Zullen mijn hopelijk toekomstige kinderen nog wel zichzelf kunnen zijn of zullen ze hun joodse identiteit moeten verhullen?

Voor mij is de enige oplossing om verzet te plegen, maar dan in het klein. Verzet te plegen door met elkaar wel het gesprek aan te gaan. Wel de ander bij je thuis uit te nodigen. Verzet te plegen door de dialoog. Door vragen te durven stellen, door moeilijke vragen over jezelf te beantwoorden. Wat mij betreft valt dit onder het belangrijkste concept in het Jodendom: Tikkoen Olam, de wereld herstellen. De wereld mooier achter laten dan dat je erop gekomen bent. Dit kan je op verschillende manieren doen. Mijn moeder raapt plastic op als ze naar de metro loopt en gooit dit weg in de plastic bak. Een leerling van mij heeft geld ingezameld om voor ezeltjes te zorgen in Israël. Ik zelf doe het door met elkaar in gesprek te gaan.

Ik probeer dat zoveel mogelijk te doen. Ik zit bij diverse interreligieuze groepen zoals Mo en Moos. Een traineeship van de gemeente Amsterdam waarbij islamitische en Joodse Young professionals over en met elkaar leerden. Om de 14 dagen hadden we 4 uur cursus over elkaars religie, gewoonten en we gingen met elkaar in gesprek. Wat hadden we gemeen? Wat vonden we moeilijk bij de ander? Wat vonden we misschien moeilijk aan onze eigen gewoontes?

We gingen langs bij elkaars gebedshuizen,  elkaars restaurants en elkaars jeugdcentra. Hierdoor leerden we elkaar echt kennen en werden we zelfs vrienden. We durfden ook de moeilijke vragen aan elkaar te stellen : over Israël/Palestina, terrorisme of vrouwenrechten. Maar door die vragen te stellen kregen we begrip voor elkaar. Hierdoor waren we er voor elkaar in moeilijke momenten. Toen een koosjer restaurant werd aangevallen door een moslim, stelde een van de islamitische deelnemers voor om langs te gaan en onze steun te betuigen. Andersom zijn we langsgegaan bij een moskee toen hier een onthoofde pop werd neergelegd.

Deze vorm van verzet is natuurlijk erg klein vergeleken bij het verzet dat we vandaag herdenken maar ook dit is gevaarlijk en confronterend. Ik ben meerdere keren uitscholden en zelfs bedreigd. Medeleden van Mo en Moos zijn door het bestuur van hun moskee aangesproken waarom ze “heulden met de zionisten”.

Ook is het confronterend voor jezelf. Door vragen te stellen en ze te beantwoorden moet je goed nadenken over je eigen positie. Waarom geloof of doe ik dit eigenlijk? Alleen omdat mij dit zo geleerd is of sta ik er ook echt achter? Dit zijn vragen die je doen twijfelen of wellicht veranderen. Is dat fout? Of kom je daardoor nader tot elkaar?

Ik heb niet de illusie dat ik de wereld in mijn eentje kan verbeteren. Zeker niet door alleen met elkaar te gaan praten. Bij veel van de ontmoetingen die ik heb gehad met “ de ander” waren er mensen die zo vastzaten in hun vooroordelen dat die met een gesprek niet de doorbreken waren. Wat mijn doel is, is een zaadje planten, mensen aan het denken te zetten waardoor ze hopelijk op een later moment meer informatie opzoeken. Waardoor hun vaste beeld over hoe “ de jood” of “ de moslim” of zelfs “ de nederlander” eruit ziet. Als mensen na een workshop of lezing naar buiten lopen met de gedachte dat de situatie misschien toch iets gecompliceerder of diverser is dan ze dachten ben ik tevreden.

Of je het nou doet vanuit religieuze overtuiging of omdat je het gewoon belangrijk vindt: ik denk dat het essentieel is om deze vormen van verzet tot uiting te brengen. En nogmaals: dat kan heel klein. Als je iemand tegenkomt die je niet kent: stel een vraag en ga in gesprek. Samen maken we de wereld een klein beetje mooier.

 

De lezing is ook opgenomen en terug te vinden op : https://www.facebook.com/985472961538571/videos/1690233034395890/?hc_location=ufi vanaf minuut 13.

Dvar Tora

7 April begeleidden de kinderen van de BM klas een gedeelte van de Sjabbatochtenddienst in de LJG. Ik mocht de Dvar Tora geven. Graag deel ik mijn tekst met jullie:

De parasja van deze week, Devarim 15:12-16:20,  is vooral een opsomming van regels. Hierbij komen een aantal opvallende regels voorbij. Zo staat er hoe je slaven moet behandelen. Je moet slaven van ons eigen volk 6 jaar lang tot slaaf houden en op het 7e jaar vrijmaken. Hierbij krijgen ze ook van alles mee. Over slaven van andere volkeren wordt hierbij niks gezegd. Het hebben van slaven lijkt dus wel geaccepteerd.

Andere regels gaan over het doen van dierenoffers. Gelukkig wordt dit sinds de vernietiging van de Tempel in 70 na het begin van de gebruikelijke jaartelling niet meer gedaan. Een van de belangrijkste dingen van het Jodendom is mijns inziens Baal Tasjchit.  Het niet verspillen of vernietigen. Dit wordt vaak uitgelegd als het  goed zorgen voor de dieren en natuur om je heen. Mocht de tempel ooit hersteld worden dan heb ik er vertrouwen in dat er een beter oplossing voor gevonden wordt voor het offeren van dieren.

Het gene wat mij echter het meeste aansprak in deze tekst was uitnodigen van iedereen aan de seider maaltijd. Je zoon, je dochter, je slaaf, de Levieten, de vreemdeling, de wees en de weduwe worden specifiek genoemd. Door het samen te vieren, ook met niet-Joden, wordt de feestvreugde alleen maar groter.

Een goede gewoonte van de LJG is om naast de algemene seider voor leden ook een tweejaarlijkse dialoogseider te organiseren.  Afgelopen dinsdag was het weer zo ver. Bij deze seider werden allerlei mensen uitgenodigd die de afgelopen jaren actief in dialoog waren met de LJG. Hierbij kan je denken aan vertegenwoordigers van de gemeente Amsterdam, de Protestantse Kerk Amsterdam, de Al kabir moskee, hindoetempels, vluchtelingen, en nog veel meer.

Velen van hun hebben nog nooit een seider meegemaakt. In een iets sneller tempo gingen we door de haggada heen. Er is namelijk naast de “vaste” lijn van de seider ook altijd veel ruimte voor eigen invulling. Er zijn korte speeches waarin de gasten stilstaan bij het thema vreemdelingen en slavernij. Wat betekent dat voor hun? Iedereen heeft er een andere associatie bij. Voor sommigen gaat het vooral over leren van het verleden, voor sommigen is het meer iets van het nu.

Door al de mensen te horen, juist ook van verschillende achtergronden en religies, krijgt onze seiderviering een veel diepere dimensie. Je kan heel veel leren van mensen binnen je eigen groep maar Júist ook van mensen daarbuiten. Door af en toe met de ander te praten en ze uit te nodigen in je eigen huis.

Bergman Seminar in Israël

13 tot 23 juli was ik aanwezig bij de Bergmanseminar, mede door de zeer gulle gift van de vrouwengroep van de LJG. Het thema van de seminar, georganiseerd door de WUPJ, was hoe om te gaan met Israël in de Joodse les. De groep bestond vooral uit Amerikanen met een achtergrond in Joods onderwijs. Daarnaast was er een Braziliaanse Chazan en een Israëlische gids.

Het programma was erg goed in elkaar gezet. Er waren diverse ontmoetingen met organisaties en personen.We sliepen de eerste zeven dagen in Jeruzalem in het centrum voor Liberaal Jodendom, Beit Shmuel. Een prachtige locatie om verbonden te raken met het Jodendom. Om de ochtendtefillah te kunnen doen met op de achtergrond de oude stad van Jeruzalem… Wow…neve shalom

Een van de meest bijzondere momenten was de lezing en tour van Steve Israël over Jeruzalem. Hij vertelde over de spanning tussen het “heilige Jeruzalem” en het dagelijkse Jeruzalem. De stad is voor veel mensen een fantasie, maar er wonen ook gewone mensen die moeten omgaan met dagelijkse problemen. Dit werd nog eens benadrukt door het feit dat toen we naar de oude stad liepen we gebeld werden door vrienden en familie: er was een aanslag gepleegd en de hele oude stad was op slot. Na een paar uur konden we wel de stad in maar het was gek om mee te maken. Arabieren mochten niet naar binnen, de halve stad was uitgestorven. We konden ook niet naar de Klaagmuur omdat dat te gevaarlijk was. We werden meteen met de neus op de feiten gedrukt.

schaapjes

Ook de rest van de week gingen we verder op dit onderwerp. Is Israël en dan met name Jeruzalem alleen een heilige plaats? Of een land met weliswaar een rijke geschiedenis maar met veel problemen? Kan je alleen een goede jood zijn als je in Israël woont? Kan je tegelijkertijd volledig achter het bestaansrecht van Israël staan én kritisch zijn op dingen die daar gebeuren?

Naast de teksten gingen we ook het gesprek aan met verschillende mensen en organisaties. Zo ontmoette we de zigeuner gemeenschap in Jeruzalem, gingen we in Tel Aviv naar de seculiere Jeshiva die veel doet voor de vluchtelingen in Zuid Tel Aviv en bezochten we een zomerkamp van een zusterbeweging van Netzer in Israël.

De praktijk werd ook niet vergeten. Zo hebben we in kibboetz Ein Shemer gezien wat het belang is van de kassen in Israël. De begeleider Uri gaf ons goede ideeën over wat de voordelen zijn van kinderen zelf aan de slag gaan en dingen bouwen. Een andere mooie activiteit was in Neot Kedumim, een groot park waar planten groeien van de Tweede Tempel Periode. Onze gids Sarale liet zien hoe je de natuur kan gebruiken bij je lessen. Voor veel leerlingen is de TeNaCH heel abstract. Door ze te laten zien hoe Israël er toen uitzag en hoe onze aartsvaarders en aartsmoeders hierin rondliepen gaat alles veel meer leven.

Ik kan wel kantjes vol schrijven over mijn ervaringen. Het was een reis met hoogte en dieptepunten. Het ergste dieptepunt was natuurlijk de aanslag in Jeruzalem en de spanningen die erop volgden. Hoogtepunten waren de ontmoetingen met de enorm inspirerende mensen die we ontmoet hebben. Mensen als Steve Israël, Sally Klein-Katz, Udi Cohen en vooral de organisatie: Steve Burnstein en Paul Liptz.

Al met al was het zeer nuttig en inspirerende reis.. Hoewel het lastig is en blijft om goed les te geven over Israël heb ik wel meer handvatten gekregen om hier op een steunende maar kritische manier mee om te gaan.

Bergmanseminar

Joden en moslims eten en leren samen!

De Liberaal Joodse gemeente Amsterdam (LJGA) en de Al Kabir moskee hebben al enige tijd een goed contact. Hoewel de buitenwereld joden en moslims ver uit elkaar probeert te drijven vinden we elkaar juist steeds meer terug. Het idee is om de komende tijd met elkaar in contact te komen via het project Ma’an – Jachad.

Enkele maanden geleden waren de leerlingen van de LJGA op bezoek bij de moskee.
Toen waren de leerlingen door Rene Dotsch, de voorzitter van de dialoogcommisie van de LJGA, al uitgenodigd voor een tegenbezoek. Nu was het eindelijk zover. Met de leerlingen van de LJGA wordt er elk jaar een modelseider georganiseerd. Dit jaar deden de oudste klassen dit samen met hun leeftijdsgenoten van de moskee. De leerlingen herkenden elkaar meteen van het bezoek enkele maanden geleden en de gesprekken braken los. Ook onder de volwassen geïnteresseerden van beide gemeenten zoals Chantal Suissa, Mohammed Echarrouti en Mustapha Slaby.
We begonnen met wat woorden van Rabbijn Menno ten Brink en Imam Marzouk Aulad Abdellah . Hier werd de nadruk gelegd op het belang van het doorgeven van een positieve boodschap aan de kinderen. Zij zijn de toekomst. Als zij zich veilig voelen met de ander is het later makkelijker om samen door het leven te gaan. Het was heel mooi om te zien dat de kinderen dit ook duidelijk aanvoelden. Ze stelden vragen en herkenden elkaars verhalen.

NW-Maan-Yachad.jpg
Na de toespraken legde docent Myriam Klapper uit wat de Pesachseider precies inhield. De leerlingen vertelden over Mozes in de islamitische ( Musa) en joodse traditie ( Mosje). De kinderen waren verbaasd dat er zoveel overeenkomsten waren in de twee tradities. Zo hoorden we hoe beide tradities benadrukten dat de Musa/Mosje borstvoeding kreeg van zijn eigen moeder.
Vervolgens was het tijd voor de “echte” seider. Hoofd onderwijs van de LJGA, Anne-Maria van Hilst leidde de korte seider, afgewisseld met liedjes, vragen en grapjes. Tijdens het eten was er tijd voor gezellig geklets en gelach. Aan het geluid te horen had iedereen het naar zijn zin. Het was soms zelfs moeilijk ze stil te krijgen voor een volgend onderdeel.
Na afsluiting van de seider, met een joods dankgebed na de maaltijd en het islamitische “nor- licht” gebed, was de gezellige ochtend ten einde gekomen. De leerlingen wilde met elkaar op de foto en wisselden gegevens uit. Als kinderen echt de toekomst zijn kunnen we vooruitkijken op hele mooie jaren.

Dit artikel verscheen eerder op: http://www.nieuwwij.nl/nieuws/joodse-en-islamitische-kinderen-eten-samen-synagoge/

Richteren 4 – Haftara

11 februari 2017 mocht ik een inleiding geven op heb boek Richteren 4, de Haftara van die week. Hieronder mijn tekst.

Toen ik de Haftara Richteren 4:4-24 las raakte ik meteen enthousiast. Hoewel de TeNaCh een onuitputtelijke bron van inspiratie is, voel je je door het ene verhaal toch meer aangesproken dan door het andere. Dit verhaal is er zeker een die mij aanspreekt.  In de meeste verhalen in TeNaCh draait het om het verhaal van de man. De man is de leidende figuur. De vrouw neemt meestal een wat traditionelere rol op zich, niet gek natuurlijk voor een tekst die lang geleden is opgesteld.

In Richteren 4 staat de vrouw echter centraal. De vrouw neemt de leiding, zowel als rechter, Devorah, als uitvoerder, Jaël. De mannelijke rollen in het verhaal, zoals die van Barak, zijn een stuk meer teruggetrokken. Hij wilt zelfs niet zonder Devorah vertrekken. Hij kiest er bewust voor dat zij de eer krijgt toegewezen.

devorah

Ook in deze tijd is het vaak nog vanzelfsprekend dat de man de leiding neemt. De man wordt door velen gezien als het hoofd van het gezin.  De vrouw mag wel werken maar als er kinderen komen  wordt het als natuurlijk gezien dat zij minder gaat werken, niet de man.  Een vrouw moet kiezen tussen een carrière of een gezin. Een keuze die een man niet hoeft te maken. Ik merk zelfs dat als ik ergens een lezing geef nog een terughoudendheid bij veel mannen . Wat kan een vrouw, en zeker zo een jonge vrouw, ons nou bijbrengen?

Heel bijzonder dat in 1000 BCE het wel mogelijk was voor een vrouw om de leiding te nemen. In deze tijd waren vrouwen vaak niet meer dan het bezit van hun man. Vele anti-religieuze critici geven als argument  dat in een religie vrouwen op de tweede plaats staan. Religie zou gebruikt worden om vrouwen te onderdrukken. Hoewel de islam het op dit punt meer moet ontgelden beweren mensen vaak ook dat het jodendom vrouwen onderdrukt.

In deze tekst kan je echter zien dat ook vrouwen in het jodendom een leidende rol kunnen aannemen, niet alleen mannen. Vrouwen hebben net zo goed rechten. Zo staat er in de Misjna  dat  een man moet  zorgen voor het genot van de vrouw. Hij moet haar zelfs toestemming krijgen als hij een baan neemt waarmee hij langere tijd van huis is. Onze traditie leert ons dat vrouwen waardevol zijn en als gelijkwaardige partner gezien moeten worden.

Begrijp me niet verkeerd, helaas hebben vrouwen in de geschiedenis vaak een ondergeschikte rol toebedeeld gekregen. Ook in de Joodse geschiedenis. Maar gelukkig kan je ook genoeg teksten vinden waarin de vrouw wel rechten en macht krijgt. Door deze teksten te gebruiken kan je de rechten van  vrouwen versterken.  Dit is een van de hoofdredenen dat de LJG mij zo aanspreekt. Hier hebben vrouwen een gelijkwaardige rol met mannen. Ik ben trots om hier lid te zijn

Orthodoxie versus Radicalisme

tilburg-2

17 en 18 januari organiseerde de Universiteit Tilburg een congres over orthodoxie versus radicalisme.  De insteek was dat bij fundamentalisme geen ruimte was voor pluralisme en binnen de orthodoxie wel. Verschillende wetenschappers en docenten gaven hun visie op dit onderwerp. In het congres was er uitgebreid aandacht voor zowel de theorie als de praktijk. Zo sprak Umar Ryad over fundamentalistische stromingen binnen de islam en vertelde Marcel Poorthuis over fundamentalisme in het christendom.

tilburg-4

Ik mocht op de eerste dag wat vertellen over orthodoxie versus fundamentalisme binnen het Jodendom. Kernpunten van mijn verhaal waren dat a. “het ” Jodendom niet bestaat en b. dat dé manier om fundamentalisme tegen te gaan de dialoog is. De kern van het Jodendom zijn de boeken ( TeNaCH, Misjna, Talmoed) en de traditie daaromheen. Het bestuderen van deze teksten kunnen echter andere conclusies naar boven laten komen. Zelfs in de Misjna ( 300 na Chr.) vind je al verschillende ideeën van geleerden.

tilburg

Door de dialoog aan te gaan binnen en buiten het Jodendom kan je het weinige fundamentalisme dat er wel is tegengaan. Met programma’s als Leer je Buren Kennen kan je laten zien dat groepen zoals de Naturei Karta  of aan de andere kant van het spectrum de Temple mount movement maar een kleine groep vormen. Vragen en gesprekken met “de ander” geven ruimte en duidelijkheid over het feit dat er niet 1 waarheid is maar meer waarheden. Zolang je elkaar maar respecteert.

 

 

Joden en Seks

Voor de serie over religie en seks op NieuwWij.nl interviewde Chantal Suissa mij over Seksualiteit in het Jodendom. Hieronder de tekst:

Hoe kijkt het Jodendom volgens jou in het algemeen aan tegen seksualiteit?
“Voor je deze vraag kunt beantwoorden is het belangrijk te benoemen dat er diverse vormen van Jodendom zijn. Van ultra-orthodoxe groepen tot liberalen, die seksualiteit op hun eigen manier beleven. Als je echter naar de heilige teksten (Tora, Talmoed, etc.) kijkt, wordt er bijzonder positief naar seksualiteit gekeken. Hoewel seks primair voor de voortplanting is, wordt het belang van genot ook benadrukt. Alleen als je goede, uitbundige seks hebt komt de sjechina, een extra goddelijke aanwezigheid, in je huwelijk. Ook staat het orgasme van de vrouw voorop. Als de vrouw geen goed seksleven heeft, mag ze een scheiding aanvragen van haar man.”

Zijn er ook taboes? Zo ja welke?
“Dit verschilt per stroming. Traditioneel gezien is seks buiten het huwelijk taboe. (Mede) hierom is homoseksualiteit ook niet toegestaan. Een andere reden hiervoor is dat je het zaad niet mag verspillen. Bij het liberale Jodendom is homoseksualiteit echter wel toegestaan. Zo bestaat er de Brit Ahava, het verbond van liefde, dat geldt als een joods homohuwelijk. Ook hebben de meeste jongeren wel seks voor het huwelijk en wordt daar ook niet moeilijk over gedaan.

Een ander taboe in het traditionele jodendom is seks tijdens de menstruatie van de vrouw en in een periode van 7 dagen daarna. De vrouw moet na deze periode in het rituele bad, het mikwe, pas daarna mag ze weer seks hebben met haar man. Dit vanwege de reinheidswetten.  In de praktijk betekent dit dat je de helft van de maand geen seks hebt. Dit zou o.a. zijn om je huwelijk “vers”te houden. Seks blijft zo iets bijzonders. De tijd waarin je wel seks mag hebben wordt dan specialer en het verlangen wordt opgebouwd. In de praktijk zijn er niet, buiten de orthodoxie, niet heel veel Joodse vrouwen die zich hieraan houden.

Zijn er ook aanbevelingen? Zo ja welke?
“Zeker, allereerst moet seks leuk en bevredigend zijn. Beide partners zouden ervan moeten genieten en het mag alleen gedaan worden als beide partners het willen. Wel staat in de Misjna, dat je als man seks maar een beperkte tijd mag weigeren. Hierna moet de man de vrouw een boete betalen…

Als beide partners seks willen is alles mogelijk zolang er maar geen zaad verspild wordt. Het is juist een aanbeveling om nieuwe dingen te proberen en niet alleen klinisch voor de missionaris houding te gaan. Vooral op de sjabbat  en in het bijzonder vrijdagavond, wordt het hebben van intimiteit en seks warm aanbevolen. Joden geloven dat de Sjechina (aspect van het goddelijke) dan aanwezig is en deze intimiteit dus een extra bijzondere betekenis heeft. Ook als er geen kinderen( meer) gekregen kunnen worden wordt seks aanbevolen.”

Waarin verschilt de visie op seksualiteit binnen het Jodendom met die van het christendom en de islam?
“In alle tradities draait seks voornamelijk om voortplanting. “Gaat heen en vermenigvuldigt u”. Binnen het Jodendom is er echter veel minder dan bij de andere godsdiensten een taboe op seks. Er wordt over gepraat, ook bijvoorbeeld in de voorbereiding op het huwelijk. Je gaat dan zitten met de rabbijn of de vrouw van de rabbijn en krijgt lessen over wat wel en niet kan en mag. Een ander groot verschil zijn mijns inziens de rechten van de vrouw. Zij mag (natuurlijk binnen redelijkheid) altijd weigeren en haar genot staat voorop. Een man moet altijd eerst denken aan haar genot en dan pas aan dat van zichzelf. Binnen andere geloven kan de vrouw niet altijd weigeren en lijkt haar genot minder voorop te staan.”

Wat weet jij van het gerucht over ultra-orthodoxe Joden, die het door een gat in een laken zouden doen?
“Dit is een zeer hardnekkige, stigmatiserende mythe, die geen basis kent in de realiteit. Natuurlijk zullen er in de strikt orthodox Joodse gemeenschappen meer gevoeligheden zijn rondom seksualiteit, omdat er in het dagelijks leven misschien meer scheiding is tussen de seksen. Maar ook binnen de strikte orthodoxie neemt naast voortplanting, genot een belangrijke plaats in. En een laken met een gat is daarbij weinig stimulerend of aanbevelenswaardig.”

Wat zijn de rechten en plichten van de vrouw en de man?
“Volgens de traditionele lezing moet de vrouw zichzelf aantrekkelijk houden voor haar man. Zij moet ervoor zorgen dat hij niet afgeleid wordt en tijdens de seks en aan andere vrouwen gaat denken. Ook is zij verantwoordelijk voor haar eigen “reinheid” dus het in de gaten houden wanneer ze ongesteld is en in het rituele bad moet.

Haar rechten zijn dat ze altijd recht heeft op seks en op een orgasme. Als zij wil moet de man het haar in principe, naar redelijkheid, geven. Andersom mag zij makkelijker weigeren. Het gaat zelfs zo ver dat in de Misjna een hele uitleg staat over welk beroep een man moet hebben om het langst seks te mogen weigeren en dat als een man bijvoorbeeld schipper wil worden en dus lange tijd van huis is, hij toestemming daarvoor moet vragen aan de vrouw. Hoe minder zwaar een beroep fysiek is, des te hoger de aangeraden seksuele frequentie volgens de Misjna.”

Is seks een zonde in het Jodendom of juist absoluut niet?
“Seks binnen het huwelijk is absoluut geen zonde. Seks is iets wat gevierd moet worden en het huwelijk sterker maakt. Er moet van genoten worden en is belangrijk. Seks buiten het huwelijk wordt traditioneel gezien afgekeurd. Al is in het “moderne” Jodendom ook seks buiten het huwelijk niet uitzonderlijk. Zoals een rabbijn ooit tegen mij zei: “Je moet wel weten of het ook op dat gebied klikt voor je met elkaar trouwt.”

Hoe zit het met homoseksualiteit?
“Traditioneel wordt homoseksualiteit afgekeurd in het Jodendom. Er staat in de Tora, dat je niet mag liggen met een man zoals je met een vrouw ligt. Ook is er een verbod op het verspillen van zaad. (hierom zou je misschien kunnen concluderen dat lesbische vrouwen wel in de lijn van de Tora vallen?) Binnen het orthodoxe Jodendom wordt dit nog gevolgd en is homoseksualiteit officieel afgekeurd. Wel zijn mij een aantal openlijk homoseksuelen bekend, die een functie vervullen in de orthodoxe gemeenschap, zonder dat daar moeilijk over gedaan wordt. Dit verschilt ook weer per orthodoxe gemeente.

Binnen het liberale Jodendom is homoseksualiteit geen probleem. Er zijn meerdere openlijk homoseksuele leden, er is een lesbische rabbijn en sinds enkele jaren is er ook een ‘Brit Ahava’, vrij vertaald: het verbond van liefde, een vorm van homohuwelijk.”

Het boek “Kosher Sex” van de orthodoxe Amerikaanse Rabbijn Boteach was een hit, wat is hier zo vernieuwend aan?
“Het algemene beeld van Joden en seks is helaas vaak de mythe van het bovengenoemde laken. Seks zou iets vies en zondigs zijn wat alleen nut heeft voor de voortplanting. Boteach verbreekt dit beeld geheel en beveelt juist een uitbundig seksleven aan. Hij benadrukt hoe belangrijk het seksleven is voor het behoud van een gezond huwelijk. Dit is in principe niet vernieuwend want het valt te lezen in de oude teksten. Het is alleen vernieuwend dat een orthodoxe rabbijn dit zo openlijk, in de media, promoot. Juist vanwege het negatieve beeld wat er bestaat over Joden en seks.”

Wat is de link tussen spiritualiteit en seks in het Jodendom?
“Seks wordt in de teksten beschreven als een spirituele ervaring. Het brengt mensen nader tot elkaar. Zonder seks krijg je de sjechina, de goddelijke aanwezigheid, niet in je huwelijk. Het wordt gezien als de beste benadering van de beleving van verbinding met het goddelijke.”

Wat kunnen we leren van het Jodendom voor ons eigen seksleven?
“Ik denk dat we hiervan kunnen leren hoe belangrijk oprechte intimiteit en seksualiteit is in een relatie. Door seks kom je nader tot elkaar en leer je elkaar op een geheel ander niveau kennen. Het werkwoord in de Tora voor ‘ leren kennen’ in het Hebreeuws betekent niet voor niets tevens ‘de liefde bedrijven’. Seks draait niet alleen om voortplanting maar juist om het verkrijgen van die diepere band. Het is iets moois, iets heiligs, niet iets vies.”

Wat vind je persoonlijk mooi aan hoe het Jodendom met seks omgaat en wat staat je hieraan tegen?
“Ik vind het heel mooi dat de vrouw zoveel rechten heeft in het Jodendom. Zij wordt beschermd als zij niet wil of niet kan en haar genot staat centraal. Het is bijzonder dat dit zo benadrukt wordt in teksten die geschreven zijn in een tijd waarin een vrouw toch minder belangrijk en zelfs ondergeschikt aan haar man was.

Moeilijk vind ik nog de problemen met homoseksualiteit binnen het traditionele en orthodoxe Jodendom. Voor mij is liefde tussen twee volwassen beschikbare mensen nooit fout. Ik denk dat iedereen zichzelf zou moeten kunnen zijn, ook en misschien wel juist op dit vlak.”

Dit artikel verscheen eerder op : http://www.nieuwwij.nl/interview/joden-en-seks-vragen-nooit-durfde-stellen-en-meer/

 

Gastvrijheid?

Afgelopen jaar ben ik lid geworden van de dialoogcommissie van de LJG Amsterdam. Omdat ik al lange tijd actief ben bij dialooggroepen zoals Mo en Moos en mijn eigen bedrijfje heb in het organiseren van dialoogbijeenkomsten,  leek het me leuk en belangrijk om dit ook vanuit de LJGA te gaan doen.

Als je in de dialoog wereld werkt merk je dat er diverse gevoeligheden spelen. Binnen je eigen gemeenschap is er de angst voor het binnenlaten van de ander. Bij veel Joodse mensen heerst er, soms helaas reële, angst voor zowel de fysieke als de spirituele veiligheid. Accepteert de gast wel onze gewoontes? Ook bij andere groepen is er angst. Kan je wel jezelf blijven? Geven ze door het langskomen in onze gemeenschap niet een signaal af dat ze het eens zijn met het beleid van Israël?  Belangrijk bij dit soort angsten is elkaar in de ogen te kijken, de wederzijdse angsten uitspreken en met elkaar in gesprek gaan over hoe reëel die angsten zijn. De angsten voor jezelf houden of alleen uitspreken binnen je eigen gemeente heeft nooit zin.

Veel mensen  die voor de dialoog zijn zien de oplossing in gastvrijheid : “de ander” bij je thuis uitnodigen en laten zien hoe aardig je eigenlijk wel niet bent. Gastvrijheid werkt volgens mij echter alleen als je ook zelf de stap kan zetten om gast te zijn. Als je enkel de gastheer of vrouw bent bekijk je de wereld vanuit je eigen “verheven” positie. Je verwacht van de gasten dat ze zich aanpassen aan jouw normen en waarden. Als dit niet gebeurt voelen sommige mensen zich beledigd. Gedeeltelijk begrijpelijk maar vaak is de reden voor deze weigering minder storend dan wat je in je hoofd bedenkt.

Als je jezelf in de rol van gast stelt, de ondergeschikte als het ware, kan je beter invoelen hoe het is om kwetsbaar te zijn. Je wordt gedwongen om je eigen normen en waarden onder een loep te leggen. Door te zien hoe anderen het doen kan je nieuwe dingen leren over jezelf. Het is dan ook prachtig dat diverse leden van onze gemeenschap aanwezig waren bij de dialoogseider afgelopen april. Dit gaf ze een gelegenheid om mensen van andere levensbeschouwingen te zien. Maar wel in een sfeer waarin de ander afhankelijk was van ons en onze gewoontes. Beter zou het zijn om zelf naar gelegenheden te gaan in andere gemeenschappen. Zoals een Iftar maaltijd in een moskee. Dan leer je over hun gewoontes, hun gevoeligheden en hun visie op het leven. Vaak merk je dat het helemaal niet zo eng is en dat de ander helemaal niet zo anders is…