Vragen stellen

Religie is altijd al mijn passie geweest. Zozeer, dat ik mijn studerend leven begonnen ben met een studie Wereldreligie in Leiden. Deze keuze bleek toch niet helemaal bij mij te passen, vandaar dat ik na het behalen van mijn propedeuse ben teruggekeerd naar Amsterdam. Toch ben ik (het bloed kruipt waar het niet gaan mag), naast mijn studies in Hebreeuws en Geschiedenis, actief geworden in het interreligieuze veld. Hierbij leid ik gesprekken tussen verschillende groepen mensen. Joden en niet-Joden, vrouwen en mannen, allochtonen en autochtonen. Sommige dialogen hebben een wetenschappelijk karakter, andere zijn laagdrempeliger ingestoken. In mijn columns voor Crescas wil ik u graag een kijkje geven in de wereld van de interreligieuze dialoog.

Juist op thema’s die mijn bijzondere interesse hebben, zoals seksualiteit en eerbaarheid, valt er veel van elkaar te leren. De prikkelende en controversiële onderwerpen leiden vaak tot een dosis humor en laagdrempeligheid. Het toppunt was toen ik in een klooster in Huissen in een bloot jurkje op hakken een groep monniken aan het vertellen was over vrouwelijk genot. In het christendom, en zeker voor monniken, is seksualiteit vaak een heel zwaar onderwerp en nu vertelde een jonge vrouw hun opeens over seks …

Iets wat regelmatig aan de orde komt, is de pluriformiteit binnen het Jodendom. Veel niet-Joden (onbekend met het Jodendom) hebben een heel eenzijdig beeld van ‘de Jood’ of ‘het Jodendom’. Wanneer ik met hen lern, valt het op dat er al lernend wordt gezocht naar het ‘juiste’ antwoord. Wanneer ik vervolgens aangeef dat juist de discussie het doel is, niet het middel, en dat (bijna) alles open is voor interpretatie, krijg ik geschokte reacties.

Eén van de aspecten die mij het meest aanspreekt in het Jodendom, is de nadruk op het stellen van vragen. Dat is ook datgene wat ik vooral propageer, zowel in de intra- als interreligieuze dialoog: stel vragen! Niks is hierbij taboe. Hoewel sommige vragen, zeker buiten onze eigen veilige enclave, soms confronterend kunnen zijn, heeft het ook voordelen. Je hebt een actieve houding nodig, je moet blijven reflecteren op je eigen mening en bereid zijn deze bij te stellen. Vaardigheden die op andere vlakken ook nuttig kunnen zijn.

Het spreekt voor zichzelf dat kennis van bepaalde teksten een voorwaarde is om mee te kunnen discussiëren. Dicht bij de traditie blijven, zonder daarbij mijn eigen stem en interpretatie te verliezen, daar haal ik veel energie uit.

Ik stuit soms op lastige situaties; uit onwetendheid worden mij weleens vragen gesteld die kwetsend kunnen zijn. Vragen over de Sjoa of over Israël bijvoorbeeld. Natuurlijk zitten er mensen bij die vragen stellen met het doel mij te triggeren. Maar de meesten zijn oprecht geïnteresseerd en benieuwd. Voor mij geldt: heb liever dat me de vraag wordt gesteld dan dat er aannames worden gedaan.

Door vragen te stellen, juist in de interreligieuze dialoog, kan ik vooroordelen voorkomen. Ik hoor verhalen over de ander, maar kloppen deze ook? Als ik na ga hoeveel verkeerde aannames over Joden gedaan worden, kan ik mij niet voorstellen dat onze aannames over andere religies of levensbeschouwingen ook altijd kloppen. Regelmatig word ik met mijn neus op de feiten gedrukt. Ik ben ervan overtuigd: alleen door het gesprek aan te gaan en de moeilijke vragen te beantwoorden en ze ook te stellen komen we nader tot elkaar.

 

Dit stuk verscheen eerder op: 

https://www.crescas.nl/blog/webcolumnvanhilst/ll4oz/Stel-vragen/

Verzet door dialoog

4 mei mocht ik een lezing geven in Schagen ter herdenking van de oorlogsslachtoffers.

Hieronder mijn tekst:

Lezing 4 mei Schagen

Verzet begint niet met grote woorden
maar met kleine daden

zoals storm met zacht geritsel in de tuin
of de kat die de kolder in zijn kop krijgt

zoals brede rivieren
met een kleine bron
verscholen in het woud

zoals een vuurzee
met dezelfde lucifer
die een sigaret aansteekt

zoals liefde met een blik
een aanraking iets dat je opvalt in een stem

jezelf een vraag stellen
daarmee begint verzet

en dan die vraag aan een ander stellen

In dit beroemde gedicht van Remco Campert komt een wat mij betreft essentieel element van verzet aan de orde: het stellen van vragen, interesse tonen in de ander.

Toen mij gevraagd werd deze lezing te houden rondom het thema verzet kwamen verschillende vragen in mij op: Wat is verzet? Waarom pleegt iemand verzet? Of juist: waarom pleegt niet iedereen verzet? Gaat verzet alleen over grote daden of kan verzet juist iets heel kleins zijn?

Bij “ het verzet” wordt vaak gerefereerd aan het verzet tijdens de tweede wereldoorlog. Men denkt dan aan de bomaanslagen op registratiekantoren of mensen die hun levens riskeerden voor het rondbrengen van voedselbonnen voor onderduikers. Ik zie die mensen als helden, zonder dit verzet waren er nog veel meer doden gevallen dan er nu helaas al gevallen zijn. Doden die we vandaag, op 4 mei, hier herdenken.

Ik ben geboren in een tijd waarin er in Nederland gelukkig vrede is. Ik heb nooit hoeven schuilen voor rakketten, niemand in mijn omgeving is vermoord en heb zelfs nog nooit het luchtalarm horen afgaan, behalve op de eerste maandag van de maand.

Je zou denken: zonder oorlog geen verzet. Maar ook in onze maatschappij zijn problemen. Radicale partijen winnen stemmen, er zijn terroristische aanslagen en antisemitisme groeit. Als er op zondagochtend bij ons in de synagoge in Amsterdam les is, moeten de leerlingen langs 4 man marechaussee en 3 deuren van kogelvrij glas. Alles om ze veilig te houden. Ze mogen zelfs niet op een uitstapje hun keppel dragen, dat is te gevaarlijk.

De maatschappij is steeds meer aan het verharden en zich aan het verdelen in groepen. Veel van die groepen komen elkaar niet tegen, hebben hun eigen ( social) media  en praten niet tegen elkaar waardoor de vooroordelen over elkaar alleen maar groeien. Het is makkelijk om in deze vooroordelen mee te gaan. Om in je eigen veilige groep te blijven. Met mensen die je kent, mensen die dezelfde taal spreken en dezelfde gewoontes hebben. Maar wat is dan.de toekomst? De vooroordelen en zelfs haat zullen alleen maar groeien. Zullen mijn hopelijk toekomstige kinderen nog wel zichzelf kunnen zijn of zullen ze hun joodse identiteit moeten verhullen?

Voor mij is de enige oplossing om verzet te plegen, maar dan in het klein. Verzet te plegen door met elkaar wel het gesprek aan te gaan. Wel de ander bij je thuis uit te nodigen. Verzet te plegen door de dialoog. Door vragen te durven stellen, door moeilijke vragen over jezelf te beantwoorden. Wat mij betreft valt dit onder het belangrijkste concept in het Jodendom: Tikkoen Olam, de wereld herstellen. De wereld mooier achter laten dan dat je erop gekomen bent. Dit kan je op verschillende manieren doen. Mijn moeder raapt plastic op als ze naar de metro loopt en gooit dit weg in de plastic bak. Een leerling van mij heeft geld ingezameld om voor ezeltjes te zorgen in Israël. Ik zelf doe het door met elkaar in gesprek te gaan.

Ik probeer dat zoveel mogelijk te doen. Ik zit bij diverse interreligieuze groepen zoals Mo en Moos. Een traineeship van de gemeente Amsterdam waarbij islamitische en Joodse Young professionals over en met elkaar leerden. Om de 14 dagen hadden we 4 uur cursus over elkaars religie, gewoonten en we gingen met elkaar in gesprek. Wat hadden we gemeen? Wat vonden we moeilijk bij de ander? Wat vonden we misschien moeilijk aan onze eigen gewoontes?

We gingen langs bij elkaars gebedshuizen,  elkaars restaurants en elkaars jeugdcentra. Hierdoor leerden we elkaar echt kennen en werden we zelfs vrienden. We durfden ook de moeilijke vragen aan elkaar te stellen : over Israël/Palestina, terrorisme of vrouwenrechten. Maar door die vragen te stellen kregen we begrip voor elkaar. Hierdoor waren we er voor elkaar in moeilijke momenten. Toen een koosjer restaurant werd aangevallen door een moslim, stelde een van de islamitische deelnemers voor om langs te gaan en onze steun te betuigen. Andersom zijn we langsgegaan bij een moskee toen hier een onthoofde pop werd neergelegd.

Deze vorm van verzet is natuurlijk erg klein vergeleken bij het verzet dat we vandaag herdenken maar ook dit is gevaarlijk en confronterend. Ik ben meerdere keren uitscholden en zelfs bedreigd. Medeleden van Mo en Moos zijn door het bestuur van hun moskee aangesproken waarom ze “heulden met de zionisten”.

Ook is het confronterend voor jezelf. Door vragen te stellen en ze te beantwoorden moet je goed nadenken over je eigen positie. Waarom geloof of doe ik dit eigenlijk? Alleen omdat mij dit zo geleerd is of sta ik er ook echt achter? Dit zijn vragen die je doen twijfelen of wellicht veranderen. Is dat fout? Of kom je daardoor nader tot elkaar?

Ik heb niet de illusie dat ik de wereld in mijn eentje kan verbeteren. Zeker niet door alleen met elkaar te gaan praten. Bij veel van de ontmoetingen die ik heb gehad met “ de ander” waren er mensen die zo vastzaten in hun vooroordelen dat die met een gesprek niet de doorbreken waren. Wat mijn doel is, is een zaadje planten, mensen aan het denken te zetten waardoor ze hopelijk op een later moment meer informatie opzoeken. Waardoor hun vaste beeld over hoe “ de jood” of “ de moslim” of zelfs “ de nederlander” eruit ziet. Als mensen na een workshop of lezing naar buiten lopen met de gedachte dat de situatie misschien toch iets gecompliceerder of diverser is dan ze dachten ben ik tevreden.

Of je het nou doet vanuit religieuze overtuiging of omdat je het gewoon belangrijk vindt: ik denk dat het essentieel is om deze vormen van verzet tot uiting te brengen. En nogmaals: dat kan heel klein. Als je iemand tegenkomt die je niet kent: stel een vraag en ga in gesprek. Samen maken we de wereld een klein beetje mooier.

 

De lezing is ook opgenomen en terug te vinden op : https://www.facebook.com/985472961538571/videos/1690233034395890/?hc_location=ufi vanaf minuut 13.

Dvar Tora

7 April begeleidden de kinderen van de BM klas een gedeelte van de Sjabbatochtenddienst in de LJG. Ik mocht de Dvar Tora geven. Graag deel ik mijn tekst met jullie:

De parasja van deze week, Devarim 15:12-16:20,  is vooral een opsomming van regels. Hierbij komen een aantal opvallende regels voorbij. Zo staat er hoe je slaven moet behandelen. Je moet slaven van ons eigen volk 6 jaar lang tot slaaf houden en op het 7e jaar vrijmaken. Hierbij krijgen ze ook van alles mee. Over slaven van andere volkeren wordt hierbij niks gezegd. Het hebben van slaven lijkt dus wel geaccepteerd.

Andere regels gaan over het doen van dierenoffers. Gelukkig wordt dit sinds de vernietiging van de Tempel in 70 na het begin van de gebruikelijke jaartelling niet meer gedaan. Een van de belangrijkste dingen van het Jodendom is mijns inziens Baal Tasjchit.  Het niet verspillen of vernietigen. Dit wordt vaak uitgelegd als het  goed zorgen voor de dieren en natuur om je heen. Mocht de tempel ooit hersteld worden dan heb ik er vertrouwen in dat er een beter oplossing voor gevonden wordt voor het offeren van dieren.

Het gene wat mij echter het meeste aansprak in deze tekst was uitnodigen van iedereen aan de seider maaltijd. Je zoon, je dochter, je slaaf, de Levieten, de vreemdeling, de wees en de weduwe worden specifiek genoemd. Door het samen te vieren, ook met niet-Joden, wordt de feestvreugde alleen maar groter.

Een goede gewoonte van de LJG is om naast de algemene seider voor leden ook een tweejaarlijkse dialoogseider te organiseren.  Afgelopen dinsdag was het weer zo ver. Bij deze seider werden allerlei mensen uitgenodigd die de afgelopen jaren actief in dialoog waren met de LJG. Hierbij kan je denken aan vertegenwoordigers van de gemeente Amsterdam, de Protestantse Kerk Amsterdam, de Al kabir moskee, hindoetempels, vluchtelingen, en nog veel meer.

Velen van hun hebben nog nooit een seider meegemaakt. In een iets sneller tempo gingen we door de haggada heen. Er is namelijk naast de “vaste” lijn van de seider ook altijd veel ruimte voor eigen invulling. Er zijn korte speeches waarin de gasten stilstaan bij het thema vreemdelingen en slavernij. Wat betekent dat voor hun? Iedereen heeft er een andere associatie bij. Voor sommigen gaat het vooral over leren van het verleden, voor sommigen is het meer iets van het nu.

Door al de mensen te horen, juist ook van verschillende achtergronden en religies, krijgt onze seiderviering een veel diepere dimensie. Je kan heel veel leren van mensen binnen je eigen groep maar Júist ook van mensen daarbuiten. Door af en toe met de ander te praten en ze uit te nodigen in je eigen huis.

Leer je Buren kennen

De joden in vormen in Nederland een hele kleine minderheidsgroep. Zelfs in de meest ruime telling zijn er tussen de 40 en 50.000 joden in heel Nederland. Het is dan ook niet zo gek dat veel mensen nog nooit een joods iemand zijn tegengekomen. Als je nog nooit een joods iemand hebt gezien is het makkelijk om vooroordelen over de gemeenschap te krijgen, zeker als de enige “herkenbare” joden leden van de (ultra) orthodoxe gemeenschap zijn.

Mede om wél elkaar te leren kennen is door de LJG Amsterdam het project Leer je Buren kennen enkele jaren geleden opgezet. Leerlingen van het ROC, de PABO en middelbare scholen worden uitgenodigd in de synagoge om het gesprek aan te gaan en alles aan elkaar te vragen. Sinds enkele jaren mag ik dit ook faciliteren en ga ik hiervoor ook naar de prachtige synagoge Enschede.

Inmiddels zijn er al meer dan 12000 leerlingen langs geweest en blijkt het project een groot succes. In 2017 werden we al beloond met de eerste Brouwerprijs van het KHMW.  Een grote eer en bovendien een prijs van 100.000 euro die we kunnen inzetten voor onderzoek en uitbreiding van het project.

xxl

Afgelopen donderdag kwamen daarnaast journalisten van de NOS ook filmen. Hieronder een verslag van de dag:

https://nos.nl/artikel/2214044-anne-maria-is-joods-sommige-mensen-denken-dat-ik-een-demon-ben.html

Exodus uit de vuurtoren

Dina-Perla de Winter schreef de afgelopen tijd aan een boek over haar jeugd in de orthodox-joodse gemeente. Zij heeft veel te maken gehad met geweld en dwang en heeft zich hier aan weten te ontworstelen. 11 januari presenteerde zij haar boek in de Ako in de Beethovenstraat in Amsterdam. Deze plaats speelde een belangrijke rol in haar boek als bron van kennis.

dina-perla-de-winter-768x498

Na een interview met haar over het boek was er tijd voor een panel. Verschillende vrouwen spraken vanuit hun eigen expertise over hoe emancipatie van vrouwen bewerkstelligd kan worden. Zo sprak Chantal Suissa over de rol van interreligieuze contacten, Julie Blocq-Schipper over onderwijs  en Bertina Minco over cultuur. Ik heb verteld over de rol die seksualiteit kan spelen bij emancipatie.

Als je naar de joodse traditie kijkt zijn er veel handvatten voor de bescherming en “empowering” van vrouwen. Zo mag een vrouw altijd seks weigeren, moet een man zorgen voor haar genot en zijn beide partners verantwoordelijk voor hun eigen eer.  In de praktijk is dit echter lang niet altijd het geval. Zoals Dina-Perla beschrijft in haar boek wordt, zeker in de ultra-orthodoxie, de joodse wet vaak juist gebruikt om vrouwen klein te houden. Het is onze taak om dit proberen te doorbreken en weer terug te gaan naar de eigenlijke betekenis!

 

Voor een uitgebreider verslag van de avond zie:

http://www.joods.nl/2018/01/boekpresentatie-exodus-vuurtoren-dina-perla-winter/

Bergman Seminar in Israël

13 tot 23 juli was ik aanwezig bij de Bergmanseminar, mede door de zeer gulle gift van de vrouwengroep van de LJG. Het thema van de seminar, georganiseerd door de WUPJ, was hoe om te gaan met Israël in de Joodse les. De groep bestond vooral uit Amerikanen met een achtergrond in Joods onderwijs. Daarnaast was er een Braziliaanse Chazan en een Israëlische gids.

Het programma was erg goed in elkaar gezet. Er waren diverse ontmoetingen met organisaties en personen.We sliepen de eerste zeven dagen in Jeruzalem in het centrum voor Liberaal Jodendom, Beit Shmuel. Een prachtige locatie om verbonden te raken met het Jodendom. Om de ochtendtefillah te kunnen doen met op de achtergrond de oude stad van Jeruzalem… Wow…neve shalom

Een van de meest bijzondere momenten was de lezing en tour van Steve Israël over Jeruzalem. Hij vertelde over de spanning tussen het “heilige Jeruzalem” en het dagelijkse Jeruzalem. De stad is voor veel mensen een fantasie, maar er wonen ook gewone mensen die moeten omgaan met dagelijkse problemen. Dit werd nog eens benadrukt door het feit dat toen we naar de oude stad liepen we gebeld werden door vrienden en familie: er was een aanslag gepleegd en de hele oude stad was op slot. Na een paar uur konden we wel de stad in maar het was gek om mee te maken. Arabieren mochten niet naar binnen, de halve stad was uitgestorven. We konden ook niet naar de Klaagmuur omdat dat te gevaarlijk was. We werden meteen met de neus op de feiten gedrukt.

schaapjes

Ook de rest van de week gingen we verder op dit onderwerp. Is Israël en dan met name Jeruzalem alleen een heilige plaats? Of een land met weliswaar een rijke geschiedenis maar met veel problemen? Kan je alleen een goede jood zijn als je in Israël woont? Kan je tegelijkertijd volledig achter het bestaansrecht van Israël staan én kritisch zijn op dingen die daar gebeuren?

Naast de teksten gingen we ook het gesprek aan met verschillende mensen en organisaties. Zo ontmoette we de zigeuner gemeenschap in Jeruzalem, gingen we in Tel Aviv naar de seculiere Jeshiva die veel doet voor de vluchtelingen in Zuid Tel Aviv en bezochten we een zomerkamp van een zusterbeweging van Netzer in Israël.

De praktijk werd ook niet vergeten. Zo hebben we in kibboetz Ein Shemer gezien wat het belang is van de kassen in Israël. De begeleider Uri gaf ons goede ideeën over wat de voordelen zijn van kinderen zelf aan de slag gaan en dingen bouwen. Een andere mooie activiteit was in Neot Kedumim, een groot park waar planten groeien van de Tweede Tempel Periode. Onze gids Sarale liet zien hoe je de natuur kan gebruiken bij je lessen. Voor veel leerlingen is de TeNaCH heel abstract. Door ze te laten zien hoe Israël er toen uitzag en hoe onze aartsvaarders en aartsmoeders hierin rondliepen gaat alles veel meer leven.

Ik kan wel kantjes vol schrijven over mijn ervaringen. Het was een reis met hoogte en dieptepunten. Het ergste dieptepunt was natuurlijk de aanslag in Jeruzalem en de spanningen die erop volgden. Hoogtepunten waren de ontmoetingen met de enorm inspirerende mensen die we ontmoet hebben. Mensen als Steve Israël, Sally Klein-Katz, Udi Cohen en vooral de organisatie: Steve Burnstein en Paul Liptz.

Al met al was het zeer nuttig en inspirerende reis.. Hoewel het lastig is en blijft om goed les te geven over Israël heb ik wel meer handvatten gekregen om hier op een steunende maar kritische manier mee om te gaan.

Bergmanseminar

Weekend Talmoed Tora

Sinds 1 maart ben ik co-hoofd voor Liberaal Joods Onderwijs van Amsterdam.  Het is altijd een uitdaging om een leidende functie te krijgen, zeker als je iemand opvolgt die al meer dan 30 jaar met veel plezier deze functie heeft bekleed. Gelukkig is iedereen heel welwillend om tips te geven en mee te denken over hoe we dit het beste kunnen doen.

Afgelopen mei was het weer tijd voor het Talmoed Tora weekend, het jaarlijkse weekend van het landelijke Liberaal Joods Onderwijs. Dit jaar kreeg ik de leiding, heel spannend! In de aanloop naar het weekend probeerden we, samen met ons subhoofd, een zo uitdagend mogelijk programma te maken rondom het thema Joodse muziek. Zo nodigden we de band Mokum klatsj  uit voor een workshop.

Het weekend begon gezellig met een gezamenlijke sjabbatmaaltijd waarna de groepen zich opsplitsten in leeftijden. De leerlingen zongen, dansten en leerden over allerlei joodse muzikale stromingen zoals Mizrachi, klezmer etc. Op de bonte avond lieten de kinderen hun talenten zien.

De afsluiting zondagochtend was een presentatie van alles was de leerlingen geleerd hadden. Buikdansende mizrachim, bebaarde ashkenazim en alle zangtekens van de Tora kwamen voorbij. Mooi overzicht van de diversiteit van het Jodendom. Veel mensen zien bij Joden nog steeds alleen het beeld van de blanke joden met zwart haar voor zich. Joden zijn er echter in alle vormen, kleuren en talen. Heel belangrijk om dit te delen met de leerlingen.

Al met al kunnen we terugkijken op een zeer geslaagd weekend. Fijn om te merken dat we gesteund worden door een prachtig team en een fantastische oudercommissie.

Joden en moslims eten en leren samen!

De Liberaal Joodse gemeente Amsterdam (LJGA) en de Al Kabir moskee hebben al enige tijd een goed contact. Hoewel de buitenwereld joden en moslims ver uit elkaar probeert te drijven vinden we elkaar juist steeds meer terug. Het idee is om de komende tijd met elkaar in contact te komen via het project Ma’an – Jachad.

Enkele maanden geleden waren de leerlingen van de LJGA op bezoek bij de moskee.
Toen waren de leerlingen door Rene Dotsch, de voorzitter van de dialoogcommisie van de LJGA, al uitgenodigd voor een tegenbezoek. Nu was het eindelijk zover. Met de leerlingen van de LJGA wordt er elk jaar een modelseider georganiseerd. Dit jaar deden de oudste klassen dit samen met hun leeftijdsgenoten van de moskee. De leerlingen herkenden elkaar meteen van het bezoek enkele maanden geleden en de gesprekken braken los. Ook onder de volwassen geïnteresseerden van beide gemeenten zoals Chantal Suissa, Mohammed Echarrouti en Mustapha Slaby.
We begonnen met wat woorden van Rabbijn Menno ten Brink en Imam Marzouk Aulad Abdellah . Hier werd de nadruk gelegd op het belang van het doorgeven van een positieve boodschap aan de kinderen. Zij zijn de toekomst. Als zij zich veilig voelen met de ander is het later makkelijker om samen door het leven te gaan. Het was heel mooi om te zien dat de kinderen dit ook duidelijk aanvoelden. Ze stelden vragen en herkenden elkaars verhalen.

NW-Maan-Yachad.jpg
Na de toespraken legde docent Myriam Klapper uit wat de Pesachseider precies inhield. De leerlingen vertelden over Mozes in de islamitische ( Musa) en joodse traditie ( Mosje). De kinderen waren verbaasd dat er zoveel overeenkomsten waren in de twee tradities. Zo hoorden we hoe beide tradities benadrukten dat de Musa/Mosje borstvoeding kreeg van zijn eigen moeder.
Vervolgens was het tijd voor de “echte” seider. Hoofd onderwijs van de LJGA, Anne-Maria van Hilst leidde de korte seider, afgewisseld met liedjes, vragen en grapjes. Tijdens het eten was er tijd voor gezellig geklets en gelach. Aan het geluid te horen had iedereen het naar zijn zin. Het was soms zelfs moeilijk ze stil te krijgen voor een volgend onderdeel.
Na afsluiting van de seider, met een joods dankgebed na de maaltijd en het islamitische “nor- licht” gebed, was de gezellige ochtend ten einde gekomen. De leerlingen wilde met elkaar op de foto en wisselden gegevens uit. Als kinderen echt de toekomst zijn kunnen we vooruitkijken op hele mooie jaren.

Dit artikel verscheen eerder op: http://www.nieuwwij.nl/nieuws/joodse-en-islamitische-kinderen-eten-samen-synagoge/

Richteren 4 – Haftara

11 februari 2017 mocht ik een inleiding geven op heb boek Richteren 4, de Haftara van die week. Hieronder mijn tekst.

Toen ik de Haftara Richteren 4:4-24 las raakte ik meteen enthousiast. Hoewel de TeNaCh een onuitputtelijke bron van inspiratie is, voel je je door het ene verhaal toch meer aangesproken dan door het andere. Dit verhaal is er zeker een die mij aanspreekt.  In de meeste verhalen in TeNaCh draait het om het verhaal van de man. De man is de leidende figuur. De vrouw neemt meestal een wat traditionelere rol op zich, niet gek natuurlijk voor een tekst die lang geleden is opgesteld.

In Richteren 4 staat de vrouw echter centraal. De vrouw neemt de leiding, zowel als rechter, Devorah, als uitvoerder, Jaël. De mannelijke rollen in het verhaal, zoals die van Barak, zijn een stuk meer teruggetrokken. Hij wilt zelfs niet zonder Devorah vertrekken. Hij kiest er bewust voor dat zij de eer krijgt toegewezen.

devorah

Ook in deze tijd is het vaak nog vanzelfsprekend dat de man de leiding neemt. De man wordt door velen gezien als het hoofd van het gezin.  De vrouw mag wel werken maar als er kinderen komen  wordt het als natuurlijk gezien dat zij minder gaat werken, niet de man.  Een vrouw moet kiezen tussen een carrière of een gezin. Een keuze die een man niet hoeft te maken. Ik merk zelfs dat als ik ergens een lezing geef nog een terughoudendheid bij veel mannen . Wat kan een vrouw, en zeker zo een jonge vrouw, ons nou bijbrengen?

Heel bijzonder dat in 1000 BCE het wel mogelijk was voor een vrouw om de leiding te nemen. In deze tijd waren vrouwen vaak niet meer dan het bezit van hun man. Vele anti-religieuze critici geven als argument  dat in een religie vrouwen op de tweede plaats staan. Religie zou gebruikt worden om vrouwen te onderdrukken. Hoewel de islam het op dit punt meer moet ontgelden beweren mensen vaak ook dat het jodendom vrouwen onderdrukt.

In deze tekst kan je echter zien dat ook vrouwen in het jodendom een leidende rol kunnen aannemen, niet alleen mannen. Vrouwen hebben net zo goed rechten. Zo staat er in de Misjna  dat  een man moet  zorgen voor het genot van de vrouw. Hij moet haar zelfs toestemming krijgen als hij een baan neemt waarmee hij langere tijd van huis is. Onze traditie leert ons dat vrouwen waardevol zijn en als gelijkwaardige partner gezien moeten worden.

Begrijp me niet verkeerd, helaas hebben vrouwen in de geschiedenis vaak een ondergeschikte rol toebedeeld gekregen. Ook in de Joodse geschiedenis. Maar gelukkig kan je ook genoeg teksten vinden waarin de vrouw wel rechten en macht krijgt. Door deze teksten te gebruiken kan je de rechten van  vrouwen versterken.  Dit is een van de hoofdredenen dat de LJG mij zo aanspreekt. Hier hebben vrouwen een gelijkwaardige rol met mannen. Ik ben trots om hier lid te zijn

Veiligheidspact – Eten en ontmoeten

Een tijd geleden werden Channa Al en ik door de samenwerkende organisaties van het Veiligheidspact  gevraagd om twee dialoogbijeenkomsten te organiseren. Een voor jongeren en een voor ouderen. De gemeente Amsterdam gaf voor deze gelegenheid subsidie om de verschillende groepen mensen bij elkaar te brengen.

met-channa

In november organiseerden wij het evenement voor de jongeren in samenwerking met Crea. Rondom het thema partnerkeuze en discriminatie hebben we de film Arranged gekeken. Daarna hebben we in kleinere groepjes gepraat over verschillende vooroordelen over seksualiteit in de diverse gemeenschappen.

Deze week was het tijd voor het evenement van ouderen. In samenwerking met Rudi de Vries van Bagels and Beans op de Parnassusweg in Amsterdam organiseerden wij een ontmoeting met 55+ers rond het thema eten. Meer dan veertig ouderen van onder andere Joodse, Marokkaanse, Turkse en Nederlandse afkomst kwamen samen.

dialoog

We begonnen met een “speeddate” evenement. We hadden tweetallen gemaakt die tien minuten hadden om samen te praten rondom een door ons gestelde vraag over hun lievelingsgerechten of belangrijkste feestdag. Na tien minuten wisselden ze door en kreeg iedereen nieuwe vragen. Na drie rondes was het tijd voor het eten. Rudi had voor heerlijke bagels gezorgd, de Turkse delegatie had gezorgd voor baklava en wij hadden koshere hapjes gehaald.

Na de maaltijd werden de deelnemers verdeeld in groepjes waarin ze moesten praten over hoe hun ervaring de jongere generaties kon helpen. Deze tips schreven ze vervolgens op het tafelkleed. Het was erg moeilijk om ze tussendoor stil te krijgen, zo gezellig was het!

blad

Al met al kijken Channa en ik terug op een zeer geslaagde avond. Heel inspirerend om erbij aanwezig te mogen zijn.