Bijspijkerdagen 2016

Vrijdag 26 augustus had ik de eer om weer te mogen spreken op de Bijspijkerdagen van het Dominicanenklooster in Huissen. Op deze hete vrijdagmiddag waren diverse theologen en andere geïnteresseerden samengekomen om te luisteren naar verschillende sprekers over religieuze onderwerpen .

bijspijkerdagen 1

Ik had ervoor gekozen om over Seksualiteit in het Jodendom te spreken omdat dit een interessant en relevant onderwerp is in deze tijd van discussies over boerkini’s en hoofddoeken.Het onderwerp ligt dichtbij mijn scriptieonderzoek over Tzinioet. Daarnaast zit ik al enige tijd in een werkgroep van Hagar-Sarah die onderzoekt hoe men naar seksualiteit kijkt in het Jodendom, christendom en islam. Hierbij kijken we zowel naar de positieve ( genot, vrijheden etc.) als negatieve ( dwang, misbruik) aspecten.

In mijn lezing benadrukte ik dat seksualiteit in het Jodendom, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het christendom, iets is dat gevierd moet worden. Weliswaar wordt seksualiteit van oudsher vooral gezien als iets binnen het huwelijk, er moet wel van genoten worden. Zonder uitbundige en liefdevolle seks komt de Sjechina niet in je huwelijk. Vooral het genot van de vrouw staat hierbij voorop. Al in de teksten van de Misjna ( derde eeuw C.E.) wordt verteld dat als de man te vaak de vrouw weigert zij van hem moet scheiden. Andersom mag zij wel weigeren, hoewel hier natuurlijk ook een grens aan zit.

bijspijkerdagen 2

Aan het einde van mijn lezing ging de groep in tweetallen een stuk uit de Misjna ( Ketubot 5:6) lernen.  Hierin werd beschreven welke beroepsgroep hoe lang seks mag weigeren. Opvallend daarbij is, is dat een man wel toestemming moet vragen aan zijn vrouw om zeeman te worden maar niet om geleerde te worden. Dit zijn beide beroepen waarbij seks lang moeilijk, zo niet onmogelijk, is. Het feit dat de vrouw al in de derde eeuw zoveel macht kreeg was voor veel mensen verrassend. Al met al werd de lezing goed ontvangen.

 

 

Lezing Bijspijkerdagen Dominicanenklooster Huissen

Afgelopen augustus werd ik gevraagd om te spreken op de Bijspijkerdagen van het dominicanenklooster in Huissen. Al gedurende enkele jaren organiseert dit klooster voor het begin van het nieuwe seizoen een weekend vol met lezingen. Diverse wetenschappers op het gebied van religie waren gevraagd om hun visie te geven op een onderwerp dat zij erg belangrijk vonden. Onder andere Anne Dijk (Fahm), Arnold Yasin Mol ( Fahm)  en Patrick Chatilion Counet (Vu) waren sprekers. Ik vond het dan ook een hele eer dat ik ook mijn zegje mocht doen

.IMG_20150828_163007013_HDR

Na lang wikken en wegen besloot ik het onderwerp van mijn masterscriptie te bespreken: Bronnen van eerbaarheid/Tzinioet voor Ashkenazische vrouwen in Achttiende-eeuws Amsterdam. Dit is een onderwerp waar nog maar weinig onderzoek naar gedaan is maar wat mijns inziens wel erg interessant is. Zeker als je hierbij de vergelijking kan trekken naar de hedendaagse tendens. Omdat de doelgroep van deze lezing bestond uit theologen die weliswaar zeer goed bekend waren met de Bijbel maar niet met Joodse termen zoals Tzinioet, heb ik geprobeerd mijn lezing door middel van een powerpoint zoveel mogelijk te verduidelijken.

Het onderwerp is grofweg te verdelen in drie deel onderwerpen: Traditionele Halacha ( o,a, Talmoed, Misjnei Tora en Shulchan Aruch), Jiddische Halacha ( Lev Tov, Brantspigl en Seder Mitswot haNasjim) en Jiddische Musar ( Tsennerenne  en Maaseh Buch). Ik heb beschreven hoe in deze boeken de diverse vormen van Tzinioet, zoals omgang met de man en niet-joden, worden beschreven en of hier een algemene tendens in zichtbaar was. Daarna heb ik gekeken hoe er nu tegen tzinioet wordt aangekeken in Ashkenazisch Amsterdam. Hierbij moet natuurlijk altijd het onderscheid gemaakt worden tussen orthodox en liberaal. Belangrijkste is misschien wel dat de visie op eerbaarheid een combinatie is van de ideeën van je omgeving en je eigen gevoel. Er is niet één correct antwoord maar heel veel verschillende interpretaties. Wel worden nog steeds veel dezelfde boeken gebruikt zoals de Shulchan Aruch 

Aan het einde van mijn lezing heb ik de deelnemers een stukje laten lernen. Ik had hiervoor het lied/gebed Esjet Chayil uitgekozen wat traditioneel de man voor zijn vrouw zingt op Sjabbatavond. De deelnemers kregen wat vragen naar aanleiding waarvan ze de tekst beter konden bestuderen. Kernvraag hierbij was : Wat zegt het feit dat dit lied nog steeds gelezen wordt over de rol van eerbaarheid van de vrouw in hedendaags Jodendom? Na de bestudering van de tekst heb ik een klassikale discussie gevoerd. Hierbij zijn er natuurlijk geen foute of goede antwoorden, alleen interpretaties

.IMG_20150828_162859550_HDR

De reacties waren overwegend positief. Vooral het lernen vonden de deelnemers interessant, maar ook de verschillende ideeën over eerbaarheid sprak veel mensen aan. Hopelijk kan ik volgend jaar er weer bij zijn.