Mo en Moos

Mijn hele leven ben ik al geïnteresseerd in diversiteit. Tijdens mijn jeugd in Amsterdam Zuidoost kwam ik in contact met mensen van verschillende religies en afkomsten. Dat intrigreerde me altijd al. Iedereen had zijn eigen gewoontes, of het nou ging om eten, etiquette, de verhouding man/vrouw of religie. Het viel me echter op dat niet iedereen zo flexibel met elkaar om ging als bij mij in de buurt. Als ik naar mijn familie in Amersfoort ging merkte ik dat er daar in de buurt toch wat gekker gekeken werd naar mijn buitenlandse vriendinnetjes. Andersom merkte ik dat bij sommige vriendinnetjes thuis het veel minder normaal was om als meisje een discussie te voeren met de mannen in het gezin. Dit vond ik al vanaf jonge leeftijd ongemakkelijk.

Zodra ik oud genoeg was heb ik mij ingezet voor diversiteit. Dit kon zowel op microniveau zijn, zoals mensen van verschillende religies bij mij thuis uitnodigen, als macroniveau zoals meewerken aan projecten zoals “Gelijk is gelijk?!” van Diversion. Een jaar geleden zag ik op internet de oproep voorbij komen voor Mo en Moos, een project waarbij Joodse en islamitische Young professionals ( 25-35 jarigen) met elkaar in contact werden gebracht. Het doel van het project was om jonge toekomstige leiders van de diverse gemeenschappen bij elkaar te brengen en samen te werken aan een betere samenwerking in Amsterdam. Ik werd meteen erg enthousiast.

Na de sollicitatieprocedure konden we van start gaan. Het werd al snel duidelijk dat we een diverse groep hadden: religieus en seculier, vrijgezel en getrouwd, Nederlands tot Egyptisch. Ook onze beroepen waren uiteenlopend. Van acteur tot docent tot politicus. Wat mij meteen opviel was dat maar een van de moslima’s een hoofddoekje droeg. De andere moslima’s noemden zich gedeeltelijk seculier maar ook sommige religieuze moslima’s droegen geen hoofddoek. Het was interessant om te horen wat hun beweegredenen waren om het wel of niet te dragen. Zo gaf de moslima die wel een hoofddoekje droeg aan dat dit vooral was voor haar eigen bescherming. Dat het voelde alsof ze een grens tussen haar en mannen legde. Niet zozeer voor haar fysieke bescherming maar meer dat het haar weerhield om op een seksuele manier met mannen om te gaan.

De trainingen waren behoorlijk intensief. We werden onder andere getraind in het goed omgaan met de media en het goed omgaan met discussies. Het interessantste vond ik echter het leren van elkaars religies. Ik dacht dat ik door mijn achtergrond in religiestudies goed op de hoogte was van de islam maar mijn ogen zijn echt geopend. Zo moesten we een oefening doen waarbij we een stapel uitspraken kregen en deze moesten linken aan het jodendom of de islam. Zo kwamen we tot de conclusie dat zowel het Jodendom als de islam vindt dat religie iets tussen jou en God is en dat je dus niet een ander hiertoe kan dwingen. Heel mooi.

Wat mij wel opviel was dat de groep zich in de vrije tijd snel opsplitste in een mannen kant en een vrouwen kant. Dit werd vooral tijdens het studieweekend afgelopen mei erg duidelijk. Tijdens het vaste programma is iedereen gemixt maar in de pauze trokken de mannen en vrouwen al snel naar elkaar toe, veel meer dan ik in andere groepen heb meegemaakt. De mannen gingen apart naar het strand en de vrouwen gingen bowlen. Hoewel ik dit in het begin storend vond, merkte ik ook dat ik op een andere manier kan communiceren als ik alleen met de vrouwen ben. Het geeft een meer laagdrempelige manier van contact. Een van de vele dingen die ik nu al geleerd heb van mijn Mo en Moosjes. Ik kan niet wachten om nog meer te leren.

Dit artikel verscheen eerst op : http://www.hagar-sarah.nl/2015/07/hagar-sarah-mo-en-moos/

Mo en Moos

Zoals ik in mijn vorige stukje al schreef ben ik al mijn hele leven geïnteresseerd in diversiteit. Toen ik op Facebook een oproep zag om deel te nemen aan een dialooggroep van Joodse en islamitische young professionals genaamd Mo en Moos raakte ik dan ook meteen erg enthousiast.

In de oproep werd duidelijk dat ze op zoek waren naar jonge toekomstige leiders die graag wilden werken aan een beter samenwerking tussen de twee groepen in ons Mokum, Amsterdam. De ‘ander’ moest hierbij bereikbaar worden, alleen een appje of telefoontje van je verwijderd zijn.

Na een strenge selectieprocedure maakten we in oktober voor het eerst kennis met elkaar in een café. Een groep van twintig jongeren tussen de 25 en de 35 jaar met verschillende achtergronden. Het werd meteen duidelijk dat het een erg diverse groep was: acteurs, leraren, politici en vele anderen. Ook was de een streng religieus en de ander noemde zich juist seculier. Op het eerste gezicht was de enige overeenkomst dat we ons allemaal wilden inzetten voor de dialoog. We hadden daarbij een sterke mening over hoe die vervolgens bereikt moest worden.

De trainingen begonnen even daarna. Duidelijk werd dat voor we konden beginnen er regels moesten komen. Er was van verschillende kanten weinig vertrouwen in een goede afloop en we hoopten door duidelijkheid te stellen over wat wel en niet toelaatbaar was dit beter te laten verlopen. Discussie, zeker over Israël, was de eerste paar weken streng verboden. Eerst moesten we elkaar beter leren kennen en gaan vertrouwen. Gelukkig hadden we twee erg ervaren en bevlogen trainers die de ontmoetingen in goede banen konden leiden.

Nou dat is een ding waar ze zeker in geslaagd zijn. De afgelopen maanden hebben we elkaar ongeveer twee keer per maand voor vier uur achterelkaar gezien in zeer intensieve, interessante trainingen. We hebben daarbij gelachen, geschreeuwd en zelfs gehuild. Vooral de interviewtraining was heel heftig. Veel verhalen over onze jeugd, onze plek in de samenleving en je altijd ‘de ander’ voelen waren voor ons allemaal herkenbaar. We bleken veel met elkaar gemeen te hebben. We hadden tot onze verbazing meer overeenkomsten dan verschillen. Hierdoor zijn we een erg hechte en intieme groep vrienden geworden die elkaar constant berichten en hilarische filmpjes sturen in een Whatsappgroep.

We zijn zelfs zo hecht geworden dat toen het tijd was om de moeilijke discussies aan te gaan, zoals over Israël, dit helemaal goed is gegaan. Hoewel de emoties bij sommigen erg opliepen bleef iedereen respectvol en liepen de meesten weg van de discussie met een tevreden gevoel. Ikzelf heb van de discussies ook veel geleerd en heb hier meer respect voor de andere standpunten gekregen. Dit geldt ook voor de discussie over bijvoorbeeld vrijheid van meningsuiting. Hoewel ik het niet altijd eens ben geworden met de ander snap ik door de manier van communicatie en het respect wat ik heb voor de groep wel beter waarom ze denken wat ze denken.

Over een paar weken trekken we met onze groep de wereld in. We gaan dan scholen, bedrijven en andere plaatsen af om te vertellen over onze ervaringen met diversiteit. Daarnaast hebben we nog een aantal andere spannende activiteiten gepland maar die houden we nog even geheim. Ik kan niet wachten om met mijn lieve vrienden deze stap te ondernemen. Ik heb er alle vertrouwen in dat we samen alle moeilijkheden die we ongetwijfeld zullen tegenkomen aankunnen en ben erg trots dat ik deel mag maken van deze fantastische groep mensen.

Dit stuk verscheen eerder op Nieuw Wij